Die veranderlijke werkelijkheid zet ons soms voor moeilijke keuzes. Zoals recentelijk, toen de paus in zijn kersttoespraak meldde dat de mensheid beschermd zou moeten worden tegen zelfvernietiging door homoseksualiteit. Natuurlijk wijzen wij dit soort uitspraken af.

De paus moet  absoluut worden aangerekend dat hij als religieus leider een grote morele verantwoordelijkheid draagt en dat hij met zijn uitspraken een  kwetsbare bevolkingsgroep verder te stigmatiseert.

Maar heeft het effect op het dagelijks leven van (katholieke) homo’s en lesbiennes als we een boos persbericht uitsturen over het gedrag van de paus (iets wat journalisten maar al te interessant vinden)? Of boeken we meer succes we een voorzichtige dialoog aangaan met  pastores in de Katholieke kerk in West- Afrika? Een dialoog gericht op het wegnemen van vooroordelen en het verminderen van homofobie, waardoor homoseksuelen in deze moeilijke omgeving toegang krijgen tot de pastorale hulp waar zij behoefte aan hebben.

De vraag is eigenlijk ook of de kritiek van Westerse homo-organisaties de paus überhaupt wel in de weg zit. Zou het hem misschien niet juist goed uitkomen, bijvoorbeeld bij het winnen van nieuwe zieltjes in landen die over het algemeen nog vreselijk homofoob zijn? We moeten voortdurend scherp blijven en onze strategieën blijven aanpassen. Op basis van voortschrijdend inzicht zoeken we over sommige issues de dialoog. Bij andere issues zoeken we juist de confrontatie.

De grootste les die ik zelf de afgelopen jaren heb geleerd, is dat je succes niet altijd afmeet aan het aantal krantenartikelen dat over onze activiteiten verschijnt.

Bij het gebruikte voorbeeld heb ik juist liever niet dat we de krant halen, omdat dit het werk van deze pastores wel eens zou kunnen bemoeilijken. We helpen de homo’s en lesbiennes in Afrika dan wellicht beter wanneer we even onze mond houden. Dit is een fictief voorbeeld, maar het illustreert wel waarom media-aandacht een vertekend beeld kan geven over wat succesvol is. En het laat ook zien waarom wij over sommige zaken onze mond houden. 

Natuurlijk hebben ook wij ons ongenoegen over de uitspraken van de paus geuit. Maar dan op plaatsen waar de impact het grootst kan zijn. Bijvoorbeeld in een brief aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken, waarmee wij hebben bijgedragen aan het besluit van Minister Verhagen om de Pauselijke Nuntius over de uitspraken van de paus aan te spreken. Ook onderhouden wij intensief contact met mensen en organisaties die dichter bij de Katholieke Kerk betrokken zijn, zodat het gesprek over de sociale acceptatie van seksuele diversiteit binnen de kerk zelf wordt gevoerd

Het COC wil verantwoording af leggen aan haar achterban over het werk dat zij doet. Het is alleen niet altijd makkelijk om draagvlak te vinden voor activiteiten die niet met heel veel mediageweld gepaard gaan, De komende jaren zullen wij keihard moeten werken aan het opbouwen van vertrouwen, het vertrouwen dat het werk dat wij doen effectief en integer is.