Proefstation Leiden is het pronkstuk van de Nederlandse Spoorwegen. Ik sta bij de ingang in de zon. Studenten, forenzen en dagjesmensen gaan zigzaggend in elkaar op: ze drommen samen in de machtige vestibule. Rondom de bloemenstalletjes en op de perronnetjes. Het is weer lente, de stad zwermt eropuit. Naar duinbungalows en duivenshows.

Na een paar minuten hoor ik achter mij het eerst nog doffe, maar steeds scherpere geluid van Leidse Annie. De dakloze met de dreadlocks. Jarenlang alcoholist geweest en altijd blut. Steevast hunkert ze naar geld om haar slaapplaats te kunnen bekostigen. Zouden slaapplaatsen voor daklozen werkelijk geld kosten? Ik weet het niet. Terwijl ik aanstalten maak om haar mijn kleingeld te geven wint ze mijn sympathie door mij een inkijkje te geven in haar denken. “Vroeger was ik aantrekkelijk en gewild, nu ben ik rijk,” grapt ze. “Ik verslond ze bij bosjes!” Bosjes bloemen, stel ik tevreden vast.

Ik observeer de verschillende soorten passanten. Verliefden, pechvogels, cynisten, juristen. Verderop gaat een groepje wereldverbeteraars. Een parmantige dame aan de NS-balie, Leidse Annie die zich verlekkert bij de snackmuur. Achter alle gezichten schuilt een verhaal waar de mensen van “Man bijt hond” avondvullende televisie van zouden willen maken. “Voor wie zijn die bloemen?” Ik hoor het de journalist al vragen aan een wat zenuwachtige meneer die al snel te kennen geeft dat hij verliefd is. Joekels van gelukstranen volgen en een stichtelijk cliché wordt bevestigd. Het zijn rode klaproosjes. Kleur mag weer dit jaar.

Een lichte paniekgolf slaat toe als de trein naar Utrecht vertrekt. Een bonte stoet mensen stuift de trap op waar nu Leidse Annie voor haar goede doelen staat te collecteren. Verbolgen kijkt ze de druktemakers na. “Voor wie doe ik dit eigenlijk nog!” schreeuwt ze ziedend van woede. Annie krijgt niet de aandacht die ze verdient. Maar dan slaat haar stemming weer om, want er moet geld verdiend worden. Ik bewonder haar zakeninstinct.

Hoewel een dikke aswolk Europa in een verlammende houdgreep houdt zou u zeggen dat er geen vuiltje aan de lucht is. Dan volgt een omroepbericht aan alle reizigers. Er is een speciale Keukenhofactie vandaag, kaartjes verkrijgbaar bij de boekhandel. Waarom ook niet? Ik bedenk me geen moment en koop een kaartje. Niet voor mezelf, maar voor Leidse Annie.

Ik zet haar op de bus. Even zal ze zich wanen in een andere wereld. Zal ze het begrijpen? Eenmaal in de rijdende bus zie ik haar nog rondgaan voor een collecte, voordat ze uit ‘t zicht verdwijnt. Ze zwaait niet, ze is me vergeten. Maar ze redt zich wel in die nieuwe, andere wereld in Lisse.

In mijn volgende column zal ik vertellen waarom u niet bent zoals Leidse Annie. Dan neem ik u mee in de wereld van de elementaire deeltjes. Misschien de film “Angels & Demons” gezien? Over de oerknal nabootsen en zwarte gaten maken? U heeft ervoor gekozen het vrolijk naast u neer te leggen. Zal wel loslopen, dacht u.

Ik verklap alvast dat er heel wat is verbloemd.