President Obama steunt het homohuwelijk.

Nee, je hebt geen belangrijk nieuws gemist. Officieel is de president nog steeds enkel een voorstander van zogenaamde samenlevingscontracten, maar diep in zijn hart gelooft hij dat twee mannen of twee vrouwen gewoon in het huwelijksbootje moeten kunnen stappen.


Waarom ik dat denk? Tja, ik volg al het nieuws omtrent Barack Obama al een aantal jaar op de voet. Ik lees zijn boeken, bekijk interviews met hem en schrijf dagelijks over het beleid dat hij voert. Het is vervolgens niet zo bijzonder dat ik tot de conclusie ben gekomen dat de president eigenlijk veel vooruitstrevender is dan hij zich voordoet.

Veel analisten zijn deze mening toebedeeld.

Deze analyse kwam reeds bovendrijven toen Obama in 2007 zijn campagne voor het presidentschap opstartte. Op veel punten, bijvoorbeeld op het terrein van belastingen en buitenlandpolitiek, zette kandidaat Obama kleine stapjes naar het politieke midden. Immers: in de Verenigde Staten is het woord liberal (lees: links) een scheldwoord. Wil je president worden, dan schuif je – mits dat nodig is – ietsjes op naar rechts.

Vorige week nog bestempelde Bill O’Reilly, één van de meest succesvolle presentatoren van FOX News, de president in een live-interview vanuit het Witte Huis als een “socialist”. President Obama ontkende stellig: “Iedereen gezondheidszorg willen geven maakt je nog geen socialist, het lijkt me gezond verstand.” Toch is algemeen bekend dat de nieuwe zorgwet, die bijvoorbeeld geen publieke verzekeringsoptie kent, niet zo ver gaat als president Obama aanvankelijk wilde.

Ook wat betreft homorechten heeft de president, ongetwijfeld tegen zijn zin in, een stap richting het politieke midden moeten maken. In alle segmenten van de samenleving bepleit Obama gelijke rechten voor hetero’s en homo’s; één van zijn belangrijkste prestaties op dit gebied is de afschaffing van Don’t Ask Don’t Tell, de regeling die homo’s verbood om openlijk in het leger te dienen.

Maar het homohuwelijk? Hoewel het niet in zijn logica past, blijft de president daar op tegen.

Of toch niet? Tijdens de ceremonie waarin hij de afschaffing van DADT ondertekende zei de president voor het eerst “te worstelen” met het homohuwelijk. Een Amerikaanse journalist vroeg namelijk logischerwijs: is dat het volgende ‘homo-punt’ op uw agenda? “Mijn gevoelens veranderen constant op dit gebied”, antwoordde Obama:

“My feelings about this are constantly evolving. I struggle with this. I have friends. I have people who work for me, who are in powerful, strong, long-lasting gay or lesbian unions. And they are extraordinary people. And this is something that means a lot to them, and they care deeply about. At this point, what I’ve said is that my baseline is a strong civil union that provides them the protections and the legal rights that married couples have, and I think that’s the right thing to do. But I recognize that from their perspective, it is not enough.” He adds that he will “continue to wrestle” with it “going forward.”

Need I say more? Ik denk het niet.

Nee, de president zal niet binnenkort bekendmaken het homohuwelijk toch wél te steunen, in ieder geval niet voor de herverkiezingscampagne van 2012. Wellicht doet hij dat pas nadat hij het Witte Huis heeft verlaten, zoals oud-presidenten wel vaker opmerkelijke draaien maken na hun ambtsjaren in Washington. Ze worden milder, laten belangrijke partijprincipes sneller varen.

Het zal een schrale troost zijn voor veel homo’s.

Ondertussen moeten we ons maar troosten met de gedachte dat de VS een president hebben die sympathiek tegenover de homogemeenschap staat. Een president die, als hij zijn ware gevoel had laten spreken, zelfs het homohuwelijk steunt. Maar als hij dat had gedaan was hij nooit president geworden.