De heer Tromp verwoordde het als volgt: ‘Ik zou willen bepleiten bij […] het COC om niet meer langs scholen te gaan. Je maakt het in mijn ogen namelijk veel te speciaal dat iemand homo is.’ Vervolgens stelt het raadslid dat de voorlichting die het COC biedt, moet worden vervangen door voorbeelden van homoseksuelen tijdens (bijvoorbeeld) taallessen. Dus verwerkt in de standaard lesstof.

Deze ingezonden brief legt een veel gehoorde misvatting bloot: veel mensen denken dat het pleidooi van COC Nederland voor verplichte voorlichting op scholen, een pleidooi is voor het verplichten van COC voorlichting. Dat is niet het geval. Het COC pleit voor opname van seksuele weerbaarheid en diversiteit in de kerndoelen. Dit zou scholen de opdracht geven om, in een vorm die het best past bij de signatuur van de school, aandacht te besteden aan dit onderwerp. Het liefst zien wij als COC dat uiteraard gebeuren door het onderwerp op te nemen in de gehele breedte van de lesstof. 

Echter, dat is niet de huidige onderwijswerkelijkheid.

In die werkelijkheid vult het COC een leemte in het bestaande curriculum. Het COC biedt voorlichting omdat de standaard lesstof op scholen tekort schiet, ondanks dat er voldoende passend lesmateriaal aanwezig is. Tweederde van de scholen besteedt geen aandacht aan homo - of transseksualiteit uit principe, door andere prioriteiten of vul maar in. Door het op te nemen in de kerndoelen, kan de Onderwijsinspectie er op controleren en kan het ministerie er op sturen. Het neemt de vrijblijvendheid weg en het krijgt een plaats, zoals ook het onderwerp levensbeschouwing al heeft in de kerndoelen. In de huidige kerndoelen staat niets over seksualiteit of seksuele diversiteit. En waar draait het om als je jong bent….Daarnaast bleek onlangs ook weer uit het onderzoek van het SCP dat de schoolplek onveilig is voor veel homoseksuele leerlingen. Ook geven meer dan 80% van de homoseksuele leerlingen zelf aan dat voorlichting op school helpt.

Maar de voorlichting van het COC is natuurlijk geen doel op zich. En het is onzin om te suggereren dat het remmend werkt op het ontwikkelen van andere lesmethoden en scholen zou weerhouden het onderwerp te integreren in het curriculum. Gekscherend zou men ter vergelijking kunnen zeggen dat de acties voor de Panda van het Wereld Natuur Fonds (WNF) het voortbestaan van dit beest bedreigen. En dat wanneer het WNF zou stoppen met deze acties, de Panda niet langer met uitsterven zou worden bedreigd.

Maar dat is natuurlijk de wereld op zijn kop.

Er zitten nadelen aan het geven van voorlichting door buitenstaanders. Leerlingen kunnen het gevoel krijgen dat homoseksualiteit iets is dat alleen buiten de school voorkomt. Dat effect probeert het COC tegen te gaan door ook Gay Straight Alliances (GSA) op middelbare scholen te ondersteunen. Dit zijn groepjes leerlingen die, van binnenuit de school, voorlichting geven over homoseksualiteit. Het initiatief ligt daar bij de leerlingen, maar dit zou de school niet moeten weerhouden een eigen verantwoordelijkheid in te nemen. 

Op de dag dat elke middelbare school zo’n GSA heeft en daarnaast scholen verplicht zijn voorlichting te geven over seksuele diversiteit, kan het COC stoppen met het aanbieden van voorlichting aan scholen. Net zoals het WNF kan stoppen met acties tegen het uitsterven van de Panda, als het dier niet meer met uitsterven wordt bedreigd. 

Vera Bergkamp
Voorzitter COC Nederland