In de westerse wereld is de coming out onlosmakelijk verbonden met het idee van homo-emancipatie. Je treedt naar buiten toe als individu waarbij homoseksualiteit een deel van je identiteit vormt. Blijf je in de kast, dan ontken je een belangrijk deel van je identiteit, aldus luidt het credo van het westerse homo-emancipatiemodel.

Voor een divers deel van de allochtone gemeenschap die homoseksuele gevoelens ervaren zou deze insteek echter niet opgaan. Uit een artikel van het ABC Kenniscentrum over relaties van Nederlandse homo’s met getrouwde allochtone mannen komt naar voren dat er een groep allochtone mannen is die seksuele relaties met andere mannen hebben maar zichzelf niet als homoseksueel beschouwen.

Vaak hebben deze mannen een culturele achtergrond, waarin het gezin en familie een prominente rol spelen. Dat men omwille van groepsdruk zou afzien van het uit de kast komen zou slechts voor een segment van deze groep opgaan. Velen kiezen ondanks hun onafhankelijke positie alsnog voor het hebben van een gezin. ‘Homoseksualiteit is geen onderwerp. Ze doen ‘het’ maar ze lullen er niet over. Ze zijn tevreden met hun gezin; het gaat hun om vriendschappen met mannen en om ‘de daad’.’

Het integrale artikel ”Mijn vriend is gek op zijn kinderen en houdt ook van zijn vrouw” van Ewoud Butter, waarin verschillende Nederlandse homoseksuelen hun ervaringen over hun relaties met allochtone getrouwde mannen delen, is hier te vinden.

JD / Bron: ABC Kenniscentrum/Ewoud Butter