Fleeing HomophobiaIn zijn verklaring wijst de psychotherapeut op het gegeven dat het beeld van deze asielzoeker consistent is met iemand die veel moeite heeft met het aanvaarden van diens homoseksuele identiteit. Daarbij kan iemand weliswaar homoseksuele handelingen verrichten, maar deze tegelijkertijd vies of raar vinden.

Op basis van onder meer deze verklaring werd de zaak in 2009 door de Rechtbank van Haarlem aanvankelijk in het voordeel van de Iraanse man beslist. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) ging echter in hoger beroep bij de Raad van State, die nu de verklaring van de psychotherapeut over de psychische gesteldheid van de Iraniër van tafel veegt.

In haar uitspraak volgt de Raad van State de verklaring van de psychotherapeut, in de zin dat erkend wordt dat de Iraanse man in zijn tweede asielprocedure moeite heeft om te vertellen over zijn gestelde homoseksuele geaardheid. Daartegenover stelt de Raad van State echter dat uit de verklaring niet blijkt of deze psychische blokkade ook al speelde bij de man tijdens zijn eerste asielverzoek, en of dat de reden is dat hij destijds niets heeft verklaard over zijn geaardheid.

Sinds oktober 2006 voert Nederland een apart beleid voor homoseksuele asielzoekers uit Iran, en komen zij omwille van de niet aflatende onderdrukking van homoseksuelen in Iran in aanmerking voor een verblijfsvergunning.

Wie is homo? En hoe controleer je dat?                                                        Overtuigend bewijs vinden dat iemand homoseksueel is of niet: Het is niet de makkelijkste taak voor de medewerkers van de IND. In tegenstelling tot het hebben van een politieke overtuiging, valt  seksuele geaardheid volledig binnen de privé-sfeer en is het daarom lastig via externe bronnen te verifiëren.

Tsjechië probeerde het een paar jaar geleden nog met zogenaamde ‘fallometrische’ tests waarbij asielzoekers, die verklaarden homoseksueel te zijn, gedwongen werden naar heteroseksuele porno te kijken, terwijl een apparaat de bloedtoevoer naar hun penis registreerde. Na een golf van kritiek vanuit Europa besloot de Tsjechische overheid niet langer deze testen toe te passen.

Uit een recent onderzoek van het COC en de Vrije Universiteit Amsterdam naar de wijze waarop lidstaten van de Europese Unie omgaan met asielverzoeken van lesbische, homoseksuele, biseksuele, transgender en interseksuele asielzoekers blijkt dat deze regelmatig worden afgewezen op basis van vooroordelen en stereotypen.

Een asielzoeker die zich naar het oordeel van de immigratie-ambtenaar niet nichterig genoeg gedraagt, een lesbienne die niet weet wat de strafmaat is voor lesbische seks in haar land van herkomst, of asielzoekers die verklaren homo dan wel lesbisch te zijn maar zich nimmer in de gay scene in het herkomstland hebben begeven… het vormt regelmatig voldoende aanleiding voor medewerkers van de Europese immigratiediensten om de geloofwaardigheid over de verklaarde seksuele geaardheid in twijfel te trekken, aldus het rapport ‘Fleeing Homophobia’.

Alternatieve aanpak                                                                                               Bij onze zuiderburen pakken ze het anders aan. Daar vraagt de Belgische immigratiedienst, het Commissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen, sinds enkele jaren structureel advies aan holebiverenigingen wanneer zij geconfronteerd wordt met LGBT-asielzoekers.

De stichting “Wish” is zo’n vereniging die haar assistentie en deskundigheid verleent aan de Belgische overheid. Volgens “Wish” kan men wel degelijk de leugenaar van de homoseksuele asielzoeker onderscheiden, maar alleen wanneer men ‘de juiste vragen stelt’. En net daar schort het vaak nog aan, omdat de immigratie-ambtenaren in de meeste gevallen te weinig antropologische kennis hebben over hoe het is om als homoseksueel in een bepaalde – vaak niet-westerse – cultuur op te groeien.

In Nederland is de Minister van Vreemdelingenzaken tot op heden geen vragende partij voor dergelijke adviezen, en vertrouwt de IND op de deskundigheid van haar medewerkers.

JD / Bron: Update 2012/07, De Standaard, Fleeing Homophobia (VU, September 2011)