Ik kan geen namen onthouden. Kleine nuance: ik kan geen meisjesnamen onthouden. De precieze oorzaak hiervan is mij onduidelijk. Ik kan zelf wel een paar Freudiaanse redenen verzinnen maar de verhalen achter de naam herinner ik me vaak nog prima.  Ik denk dat Facebook niet bepaald helpt: met zijn consequent gebruik van voor & achternamen en eindeloze vriendensuggesties ben ik gewend altijd iemands naam en de relatie tot die persoon te kunnen zien.

[...]

Ik heb verschillende dingen geprobeerd het te verhelpen; iemand vertelde me ooit dat de truc is dat je de naam van diegene hardop moet herhalen. Maar het continu herhalen van de naam van je gesprekspartner als “Hoi Linda. Ik ben Tim. Wat studeer je, Linda? Oh, okay. Dat klinkt best pittig, Linda, moet je nog lang, Linda?”  laat een nogal borderline-obsessieve indruk achter.

Het is amper uit te drukken in hoeveel pijnlijke situaties dit me al heeft gebracht, maar zoals met elke aandoening leer je ermee leven en pas je je aan. De laatste tijd ging het zelfs wel beter, maar sinds Blond-Meisje-Op-De-Fiets in mijn leven is gekomen is er sprake van een grote terugval.

Secondenwerk

Bij onze eerste ontmoeting kwam zij de stoep op fietsen terwijl ik net op mijn fiets stapte. Ik keek onwillekeurig naar haar en zij naar mij, maar het oogcontact duurde net die cruciale halve seconde te lang. Die kleine allesbepalende halve seconde die precies het verschil maakt tussen iemand nietszeggend aankijken en een blik van herkenning zoeken. De volgende monoloog speelde zich in mijn hoofd af: “Hm. Blond meisje op de fiets. Oh. Oh, oh-oh òòh, ze geeft je de blik! Die blik dat ze je kent! Je kent haar! Je moet haar kennen! Dat kan niet anders! Groet haar groet haar nu!”.

Het resultaat was dat ik met zichtbare paniek in mijn ogen een half-hoorbare “Hoi”  over mijn lippen perste.

Haar blik sprak boekdelen. Twee totaal verschillende boekdelen en ik kan niet kiezen welke waar is.

Het was een blik die zei “Waarom staar je me zo maf aan voordat je wat zegt? Herken je me niet meer?” ofwel een blik die zei “Waarom begroet je me in vredesnaam? Ken je me?”

En zo begon de vicieuze cirkel der grote ongemakkelijkheid, want als je eenmaal begonnen bent met het begroeten van iemand dan is het opeens een stuk lastiger om te stoppen. De implicaties van het stopzetten zijn enorm; ze zou denken dat ik zonder reden een punt zet achter ons contact, ze zou zich afvragen wat ze heeft misdaan en elke keer schuldbewust en schaamtevol naar de grond staren als ik haar stilzwijgend voorbij fiets.

Of ze zou denken dat dit alles een bizarre versierpoging was. Een ongepast en ongemakkelijk paringsritueel bestaande uit korte begroetingen die ik waarschijnlijk abrupt heb afgekapt omdat ik een nieuw nietsvermoedend doelwit heb gevonden. Ze zou uit voorzorg flyers kunnen gaan printen en alle blonde fietsende dames in de buurt waarschuwen.

Kortom, stoppen is geen optie.  Ik ben een slachtoffer geworden van mijn zelfopgelegde sociale conventie.  En dus groet ik plichtsgetrouw, stommel ik er een “Hoi” uit en fiets ik weg. Het is wachten tot Facebook de wereld eindelijk domineert en iedereen een zwevend statusbalkje boven zijn hoofd heeft waaraan ik precies kan aflezen waar ik je ook alweer van ken.  

Tim Meijerink