In de zaken van drie homoseksuele asielzoekers uit respectievelijk Sierra Leone, Senegal en Oeganda oordeelde de Immigratie- & Naturalisatie (IND) negatief over het asielverzoek met de redenering dat een veilig bestaan in het land van herkomst mogelijk is zolang betrokkenen hun geaardheid niet uitdragen. In afwachting van het advies van het in Luxemburg gevestigde Europese Hof van Justitie over de vraag of -en in hoeverre- van homoseksuele asielzoekers in redelijkheid verwacht mag worden dat zij bij terugkeer een zekere mate van terughoudendheid uitoefenen in het invullen van hun homoseksualiteit, heeft de Raad van State de behandeling van de drie zaken opgeschort. In zowel Sierra Leone en Senegal als in Oeganda is homoseksualiteit tot op heden strafbaar.

Tevens blijkt uit de antwoorden van Minister Leers dat hij niet van plan is om lopende asielaanvragen van homoseksuele asielzoekers op te schorten in afwachting van de uitspraak van het Europese Hof van Justitie. Leers geeft aan dat deze stap van de Raad van State 'geen invloed (zal) hebben op de wijze waarop aanvragen worden behandeld en procedures in zaken van homoseksuele asielzoekers door mij worden gevoerd.'

Volgens Leers is het Nederlandse beleid voor homoseksuele asielzoekers in lijn met het geldende EU-recht, en 'is het aan de rechter of procedures in (hoger) beroep zullen worden aangehouden'.

Gaatje in de wet
Wat Minister Leers betreft is het dus business as usual, en zal de IND in haar afwijzing van homoseksuele asielzoekers niet afzien van het argument dat van deze personen in redelijkheid verwacht mag worden dat zij bij terugkeer in het land van herkomst terughoudend zullen zijn in het invullen van hun geaardheid.

Het enkele feit dat de Raad van State advies over de rechtsgeldigheid van dit argument heeft gevraagd, zal geen invloed hebben op de beslispraktijk van de IND, aldus de Minister.

Volgens rechtsdeskundigen maakt Minister Leers hier handig gebruik van een onvolkomenheid in de Vreemdelingenwet. Deze laatste bevat slechts een aantal specifieke gronden om de behandeling van lopende asielprocedures tijdelijk op halt te zetten, maar daar hoort een dergelijke adviesvraag van de Raad van State aan het Europese Hof niet bij.

JD / Bronnen:
- Antwoorden van Minister Leers op de Kamervragen van Marcel van Dam (16 mei 2012)
- Antwoorden van Minister Leers op de Kamervragen van Sharon van Gesthuizen (22 mei 2012)
- Update 2012, nr. 22, p. 5-6