Hoe ben je hier precies ingerold en met welke motivatie?
Ik werkte tot 2005 in het buitenland en mijn lieve ouders stuurden me dan altijd krantenknipsels met artikelen waarvan ze dachten dat ze me konden interesseren. Een daarvan ging over de voorlichtingsgroep van het COC. Toen dacht ik al, wat een goed initiatief. Toen ik terugkwam in Nederland merkte ik op straat dat de sfeer best wel heel anders was ten opzichte van 1999, rond de Gay Games, toen ik wegging uit Nederland. Toen moest ik weer denken aan dat artikel. Problemen komen toch heel vaak voor uit onwetendheid, en alsof de duvel of god ermee speelde kwam ik een vriend van mij tegen die de voorzitter van de voorlichtingsgroep kende. Toen ik hem belde sloeg hij meteen spijkers met koppen en een week later stond ik voor de klas.

Hoe was die eerste keer voor een klas?
De eerste paar keer dat ik het deed was ik echt om vier uur ’s nachts wakker. Gewoon om in die mindset te komen van oké, wat er ook gebeurt, ik ga die les gewoon rocken. Je hebt natuurlijk wel lessen die moeilijker of makkelijker lopen. Wat ik af en toe nog moeilijk vind is om de discussie los te krijgen in bijvoorbeeld een gymnasiumklas, waarin vaak de meerderheid toch wit is en is opgegroeid met het idee dat homoseksualiteit oké is. Iedereen zegt daar dan: ‘Ik weet niet waarom u hier bent, want wij hebben er helemaal geen probleem mee’. Maar eigenlijk is die houding net zo afwijkend als die van mensen die homo’s heel stom vinden. Ze willen er beiden niet over spreken, en die gymnasiumleerlingen blijken er vaak heel niet zo veel van af te weten als dat ze zeggen. Als je ze bijvoorbeeld vraagt wat ze ervan zouden vinden als er een homo in hun voetbal/hockey/tennisteam zou zitten, dan gaan toch wel die vingers omhoog van, ‘Dat zou ik best wel moeilijk vinden’. Wat ik heel belangrijk vind is dat je in een klas nooit de vraag stelt: ‘Zou je hier als homo gepest worden?’ Ik zeg altijd ‘Stel ik had bij jullie in de klas gezeten, en ik was na het weekend teruggekomen en had jullie verteld dat ik verliefd was geworden op een jongen en dat we gezoend hadden, hoe zouden jullie dan reageren?’ Dan zet je die leerlingen veel meer aan het denken. Het is dan al weer een veel groter proces. Dat is veel moeilijker dan alleen te hoeven antwoorden: ‘Ja, je zou hier gepest worden’. Ik wil ook juist uitdragen hoe gelukkig ik ben als homoseksueel.

Ben je weleens in schokkende situaties terechtgekomen?
Er zijn weleens scholieren geweest die met stoelen gingen gooien en de klas uitliepen, ik ben weleens begroet met anaalridder. Maar ja, dat is precies wat ik zeg, ik ga er bij sommige scholen vanuit dat het moeilijk wordt. Je weet het opleidingsniveau, je weet de culturele achtergrond, dus je weet enigszins wel wat je kunt verwachten. Daarbij hebben de leerlingen zich vaak kunnen voorbereiden op hoe ze de homo gaan pesten. Scholieren zijn in ’t lerarenpesten natuurlijk vrij ervaren. Op een gegeven moment heb ik wel gezegd dat bij sommige scholen waar ik alleen voor de klas sta ik er een leraar bij wil. Iedereen moet namelijk alles kunnen zeggen, maar ik ben ook niet achterlijk. Echt choquerende dingen heb ik gelukkig nog nooit meegemaakt.

Wil je de rest van het interview (en ook meteen de rest van het septembernummer van Gay&Night) lezen? Klik hier!

Tekst: Martijn Kamphorst / Foto klas: COC Nederland