Gay&Night Gay Night Homo's homo lesbienne lesbo bi frank Mugisha vrijheid Oeganda UgandaMugisha – met zijn kleine, tengere postuur op het eerste gezicht geen bijzonder imposante verschijning – besluit nog even kort te ontbijten voordat hij me te woord staat. Er staat hem een drukke dag te wachten. Hij is slechts een paar dagen in Nederland om lezingen te geven over de homohaat in Oeganda. Hij verlaat zijn thuisland zelden, maar omdat het parlement momenteel met reces is, kan hij zich een kleine Europese tour veroorloven. Als hij eenmaal aanschuift in zijn trainingspak met een nog wat slaperig hoofd, begint hij op kalme toon te vertellen over zijn gevaarlijke baan als directeur van Sexual Minorities Uganda (SMUG). 'Ik heb slechts ongeveer negen actieve collega's, maar we hebben een enorm netwerk van vrijwilligers. Zij zijn echter niet out, dus ze verrichten voornamelijk ondersteunend werk. Vaak vertellen ze hun families dat ze werken voor een humanitaire organisatie. De afgelopen jaren heeft er een hoop verandering plaatsgevonden. In eerste instantie had SMUG slechts een paar leden, waaronder ikzelf, mijn collega David, Val Kalende en Victor Mukasa [oprichter van SMUG - red.]. We kregen in het begin maar weinig steun van Oegandese mensenrechtenorganisaties. Ze beschuldigden ons van het werven van homo's en het promoten van immorele kwesties die niets te maken hebben met Oegandese cultuur. Momenteel hebben we echter ongeveer vijftig organisaties die erg graag met ons samenwerken en dat heeft merkbaar invloed gehad op de manier waarop men tegen homo's aankijkt. Voorheen werden we gezien als het uitschot van de samenleving, maar daar begint langzaam verandering in te komen. Dat merk ik onder andere aan verhalen van vrienden, maar ook doordat ik bij mensenrechtencongressen aanwezig mag zijn. Voorheen werd ik nooit uitgenodigd, waarschijnlijk omdat ze zich daar niet gemakkelijk bij voelden. Zelfs in de media vindt er een verschuiving plaats. Het "outen" gebeurt steeds minder vaak.'

Sensatiekrant Rolling Stone publiceerde in 2010 de namen en foto's van 100 vermeende homo's en riep haar lezers op hen te vermoorden. Begin 2011, net voor de moord op Kato, won SMUG een rechtszaak die het einde van de publicatie betekende. Daarnaast werd de krant veroordeeld tot het betalen van een boete van 1,4 miljoen shilling (een luttele 475 euro) aan ieder van de aanklagers. Helaas is Rolling Stone niet de enige krant die dergelijke 'outings' publiceert. In tabloidkrant Red Pepper verschijnen reeds sinds 2006 de namen, foto's en adressen van vermeende homoseksuelen. 'Hoe vaak ik al vernoemd ben?' Mugisha lacht hardop. 'Ik ben de tel kwijt. Elke keer dat er een lijst verschijnt, sta ik op nummer 1. Ik ben nu eenmaal de leider. Voorheen werd de naam van mijn partner ook vaak vermeld, maar tegenwoordig blijft hij gelukkig meestal buiten schot.' Desondanks is Mugisha's vriend vanwege de aanhoudende bedreigingen inmiddels verhuisd naar de Verenigde Staten. 'Ik heb hem al een jaar niet gezien.' Hij slaat zijn ogen neer, trekt zijn telefoon uit zijn broekzak en begint willekeurig wat over het scherm te vegen.

Call Me Kuchu: een indrukwekkende docu over de situatie voor Oegandese homo's. 

Indoctrinatie 

Mugisha geniet onder omstandigheden een relatief grote veiligheid. 'Mijn bekendheid in het buitenland biedt me bescherming in Oeganda. De leden van het parlement worden constant geconfronteerd met mijn naam door ambassadeurs. Daardoor kunnen ze niet anders dan ervoor te zorgen dat ik veilig ben. Dat gaat me echter niet beschermen van het gewone volk.'

De diepgewortelde homofobie van het gros van de Oegandezen is eigenlijk pas relatief kort geleden ontstaan. Wetten tegen sodomie werden eind negentiende eeuw ingevoerd in de tijd dat Oeganda een kolonie was van Groot-Brittannië en zelfs na de onafhankelijkheidsverklaring zijn deze van kracht gebleven. De negatieve houding tegenover homo's is dus helemaal geen deel van traditionele Oegandese cultuur, zoals vaak wordt verondersteld. 'Oeganda bevecht homoseksualiteit als een plaag uit het westen, terwijl het in feite westerlingen zijn die hen de homofobie hebben bijgebracht. We worden ook constant verweten dat we homo's zouden rekruteren. Hoe doe je dat überhaupt? Alsof we een soort kamp hebben waar me mensen leren hoe ze homo moeten zijn. Was er maar zo'n kamp.' Hij pauzeert even om te lachen. 'Mijns inziens is het precies tegenovergesteld. Het zijn juist de streng-rechtse Amerikaanse christenen die bij ons homofoben komen rekruteren. Ze komen hierheen, ontfermen zich over weeskinderen, bieden hun educatie, voeding, allemaal heel sympathiek. Tegelijkertijd indoctrineren ze hen echter met het idee dat homoseksualiteit iets goddeloos is.' Mugisha wijst me nog op een ander groot probleem. 'Oegandezen zijn niet erg open tegenover hun kinderen. Er zijn een paar gelukkigen, zoals ikzelf, die opgroeien in een wat liberaler gezin, maar doorgaans bepalen je ouders alles voor je: naar welke school je gaat, welke keuzes je moet maken, met wie je moet trouwen. Als iemand je hele leven dirigeert en je dan op een gegeven moment nogal onvoorbereid uit het nest verstoot, ontstaat er verwarring. Je kunt niet terug naar je vader om uit te huilen. Op zoek naar iemand of iets om ze richting te geven, keren veel mensen daarom naar de kerk, waar ze worden bijgebracht homoseksualiteit te verachten. Het is pure indoctrinatie.'

Lees het volledige interview met Frank Mugisha in het meinummer van Gay&Night Magazine