Hoe ben je erbij gekomen om een boek te gaan schrijven?
Ik werd benaderd door Oscar van Gelderen en Kees de Koning van uitgeverij Lebowski/Top Notch of ik een boek wilde schrijven. Toen ging ik met ze praten, omdat ik eigenlijk niet zo goed wist hoe dat moest. Ik had stiekem wel al meteen een paar ideeën, maar het leek me heel moeilijk om zomaar vanuit het niets een boek te schrijven. Maar Oscar zei 'anders stop je met zeuren, en begin je gewoon, dan kijken we wel of het iets wordt'. Dus dat heb ik gedaan. In het begin was het wel moeilijk, maar ik kreeg allemaal goeie tips van mensen zoals Hanna Bervoets en Alma Mathijsen – even namedroppen – dus ben ik doorgegaan. Uiteindelijk ging het wel beter, en kon ik leven met wat ik zelf schreef. Cees en Oscar waren ook blij, dus toen ben ik doorgegaan. Saai verhaal, eigenlijk.

Waarom heb je besloten het boek op de Waddeneilanden te laten afspelen?
Ik wilde sowieso dat het een verhaal zou worden waarin heel veel dingen kapot zouden gaan. Dat zie je heel vaak in films, dan zijn het meestal het Witte Huis of New York die kapotgaan. Het is natuurlijk heel fijn om Times Square voor de miljoenste keer kapot te zien gaan, maar het leek me grappig als het iets typisch Nederlands zou zijn. Ik was op dat moment eigenlijk met twee dingen tegelijk bezig: waarom komen die buitenaarde wezens überhaupt op aarde, en wat is een afgebakende locatie waar mensen niet snel vandaan kunnen vluchten? Dus ik dacht dat het een eiland moest zijn. Zo kwam ik op Texel. Dat eiland heb ik in m'n hoofd als heel erg typisch Nederlands, met veel wind, en gras, en superveel wind, en schapen en gras. Vooral wind. Ik haat wind.

Het boek komt heel erg filmisch over, was dat tijdens het schrijven ook je bedoeling? Dat Reinout Oerlemans dit met z'n grote baard gaat verfilmen?
Ik denk dat Reinout Oerlemans dit boek moet verfilmen én er zelf in moet spelen, met baard. Het lijkt me echt het allermooiste in de wereld als mijn boek verfilmd zou worden. Als je leest wil je dat het plot zich ontwikkelt, maar je wilt ook dat er grootse dingen gebeuren waardóór het plot zich kan ontwikkelen. Als ik zelf lees ben ik niet altijd geboeid als mensen gewoon een gesprek hebben terwijl ze met elkaar op de bank zitten. Bij het schrijven van dit boek wilde ik dan ook dat het verhaal zich ontwikkelde terwijl enorme dingen gebeuren met stampedes van wezens, streekbussen die in de fik staan en dat soort dingen. Ik ben bewust bezig geweest om het heel beeldend te maken. Als je schrijft, heb je alles in de hand – je kunt alles creëren. Als je een film maakt ben je natuurlijk eerder beperkt, omdat sommige dingen budgettair niet haalbaar zijn. Maar als je woorden hebt als middelen, kun je álles laten gebeuren wat je wil, dus waarom zou je die kans niet grijpen?

Je bent zelf homo, en hoewel het boek totaal niet over homoseksualiteit gaat, zit er tóch een soort protestzin in, wanneer de buitenaardse wezens zich verwonderen over het feit dat sommige mensen 'niet accepteren dat sommigen van hun soortgenoten seks willen met iemand van hetzelfde geslacht, maar blind de verhalen accepteren dat een van hun voorvaderen water in wijn kon veranderen.' Vanwaar die zin?
Omdat ik het wel echt gewoon een heel raar, bizar iets vind, dat er nog steeds mensen zijn die zo denken. Terwijl ze zelf dingen wel prima vinden die minstens net zo opvallend zijn. In m'n hoofd is een van de karakters in het boek trouwens wel totaal homo, maar dat is niet echt fysiek naar buiten gekomen.

Wat kunnen we hierna van je verwachten?
Op dit moment probeer ik een script verfilmd te krijgen, dat gaat over een Alpacaboerderij. Er is een regisseur die het wil doen, en we kijken nu of we er een producent voor kunnen vinden die er iets in ziet. Ik hoop heel erg dat dat lukt, want het lijkt me het leukste op aarde om zoiets te doen.

Invasie op het eiland is nu verkrijgbaar in de boekhandel. De rest van het interview lees je in het decembernummer van Gay&Night: