‘Ik ben er nog niet klaar voor om aan de medicijnen te gaan’

‘Ik ben één keer naar een soort supportbarbecue gegaan. Ik vond het heel stoer van mezelf dat ik daar in m’n eentje naartoe ging. Tijdens die barbecue kwam ik erachter dat ik eigenlijk geen behoefte had om met andere mensen met hiv te praten. Ik vind het veel fijner om het met vrienden die ervan weten over te praten, áls ik daar behoefte aan heb. En als zij daar behoefte aan hebben. Ik kreeg tijdens die barbecue vooral heel veel vragen over waarom ik nog niet was begonnen met de medicatie. Ik wil gewoon lekker leven en m’n waardes zijn beter dan voordat het virus bij me geconstateerd werd, dus ik heb geen behoefte om nu dagelijks die medicijnen te slikken. Ik sta er zelf gewoon heel positief in en ik denk dat een oudere generatie het wat heftiger ziet. Die hebben de periode nog meegemaakt waar je misschien wel vijf pillen per dag moest slikken. De ontwikkelingen die er nu zijn hebben het makkelijker gemaakt om met het virus te leven. 

Mijn internist heeft me verteld over het nieuwe advies van Soa Aids Nederland, dat je het best zo snel mogelijk kunt beginnen met de medicatie. Er is me echter altijd duidelijk gemaakt dat het mijn keuze is en ik ben momenteel gelukkiger en gezonder dan voordat de hiv geconstateerd werd. Mijn internist zei eerst altijd dat ik er toch wel binnenkort aan moest beginnen, maar op een gegeven moment waren mijn niveaus zo gunstig dat zelfs hij zei: als je wilt kunnen we eraan beginnen, maar voor mij is het prima zo. Ik denk zelf dat er veel meer mogelijk is dan medicatie. Wanneer je begint met slikken, moet je dat voor altijd blijven doen, en dat is lang. Het gaat de afgelopen twee jaar zo veel beter met me, ook qua denkwijze en qua energie. Ik weet niet of medicijnen datzelfde effect hebben. Ik houd sowieso niet zo van pillen. Ik slik eigenlijk alleen vitaminepillen. Als mijn niveaus verslechteren, dan is medicatie altijd nog een uitweg. Er zijn voor mij meerdere wegen naar Rome.

Ik heb erover nagedacht om te beginnen met medicijnen omdat ik dan geen gevaar meer zou vormen voor anderen en voor mijn vriendje in het bijzonder. Het wordt er dan tenslotte allemaal nog veiliger op. Ik was bijvoorbeeld in eerste instantie al alert wanneer ik een bloedneus had. Als we seks hebben en zijn klaargekomen gaat er wel een knop om. Dan moet ik even douchen en schoon zijn. Het virus van me afspoelen. Het is altijd fijn om te seksen en klaar te komen, maar daarna schiet ik toch vaak even in een pragmatische modus. Ik wil dan het risico wegnemen, voor hem. Daarna kan ik weer lekker tegen hem aan kruipen. 

Het klinkt misschien heel egoïstisch en ik zou heel graag ook voor hem het veilig willen hebben, maar ik heb het gevoel dat ik er nog niet klaar voor ben om aan de medicijnen te gaan. Ik denk dat ik makkelijker zou worden als ik aan de medicijnen begin, zo van: die lossen het wel op. Net zoals mensen vaak een paracetamolletje slikken bij een lichte hoofdpijn. Mijn vriend leest er ook wel over en heeft ook weleens mijn mening erover gevraagd, maar hij heeft me nooit opgelegd om te beginnen met slikken of een soort ultimatum gesteld. Ik weet niet of ik eraan zou beginnen als hij dat wel zou doen. Ik denk dat elke beslissing, voor wie dan ook, alleen goed is als je er zelf achter staat. Ik denk dat je altijd iets moet doen omdat je het zelf wilt, ongeacht of dat misschien invloed heeft op iemand anders, zij het positief of negatief. Ik heb een periode gehad dat ik resoluut was om aan de medicijnen te beginnen, dat was ongeveer een jaar geleden. Mijn moeder was juist degene die toen zei: denk er goed over na, want het is wel voor je hele leven. Doordat mijn weerstand en niveaus steeds beter werden, ben ik er uiteindelijk niet aan begonnen.’ 

‘Ik heb het bij het daten nooit aan iemand verteld’ 

‘Volgens mij heb ik nooit een dal gehad waarin ik dacht dat ik nooit meer seks zou hebben of geluk zou vinden. Ik weet hoe ik ermee om moet gaan en hoe ik het veilig moet doen, dat heb ik onder controle. Ik heb het dus nooit in de weg laten staan van wie ik ben, of hoe vrolijk en open ik kan zijn. Ik vond het zonde dat zoiets in de weg zou kunnen staan van m’n optimistische ikke. Ik heb nooit niet meer durven daten. Voordat ik mijn huidige vriend heb ontmoet, heb ik überhaupt niet zo veel gedatet. Ik heb het in die tijd overigens nooit aan iemand verteld. Ik ben er zelf bij, dus als het echt verkeerd loopt, als ik het idee heb dat er bijvoorbeeld sperma-bloedcontact heeft plaatsgevonden, dan weet ik dat ik het gelijk moet vertellen en dat hij zich moet laten testen of een PEP-kuur moet halen. Het is volgens mij niet egoïstisch: ik spring er heel verantwoordelijk mee om. M’n huidige vriend heb ik het wel verteld voordat ik echt iets seksueels met hem deed. Ik vond hem veel te leuk en wilde het hem gelijk vertellen, zodat dat later geen obstakel meer kon vormen. Het voelde zo snel al zo goed. Als ik bij het daten voelde dat het alleen maar om seks ging, voelde ik gewoon minder de behoefte om hen over mijn hiv-status te vertellen.

Ik vind wel dat er in het algemeen wat opener over hiv mag worden gepraat. Er bestaan namelijk een hoop misverstanden. Het draait in deze maatschappij erg om uiterlijkheden, en mensen vertrouwen dus ook op die uiterlijkheden. Vaak denkt men: die jongen gaat lekker onder de zonnebank, heeft een sixpack, z’n haar zit goed, hij ziet er puistvrij uit, dus die zal wel geen hiv hebben. 

Het lijkt me gaaf om uiteindelijk zelf een rolmodel te zijn. Ik werk in de entertainmentindustrie en als ik bekend zou zijn, zou ik het heel gaaf vinden, en ook wel kicken als ik daar dan open over durf te zijn. Nu durf ik dat nog niet te doen, omdat er een element mist om dat voor mensen te kunnen zijn. Ik denk dat heel veel jongeren het bij zichzelf houden en het groter maken dan dat het is.

Ik ben er altijd luchtig mee omgegaan en heb het niet zwaarder gemaakt dan het is. Hiv wordt vaak heel erg opgeblazen. De dag dat ik het te horen kreeg, dacht ik: o, dat is het dan. Nu heb ik het en hoef ik ook niet meer bang te zijn om het op te lopen. Heel veel mensen doen er nogal panisch over en ik had daardoor het idee dat ik vanaf nu echt een ander leven moest gaan leiden. Ik heb echter snel ingezien dat het mijn leven niet hoeft over te nemen. Dat vind ik namelijk zonde van míjn leven.’

Deel 1 van Michiels verhaal is hier te lezen. Dit artikel verscheen eerder in Gay&Night Magazine

*De naam Michiel is om privacyredenen gefingeerd.