Dansen op een monument. Het is niet direct waar Karin Daan aan dacht toen ze haar ontwerp voor het Homomonument in 1981 aan de pers presenteerde. Maar dat het een levendig monument moest worden stond volgens haar buiten kijf. ‘De eis van Stichting Homomonument was: geen zieligheid op een sokkel. Het herdenken van homoseksuele slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog was een gegeven, maar ook de hedendaagse functie werd in de opdracht sterk benadrukt. Een plek waar homo’s en lesbo’s zich in konden herkennen en waar ze een politieke vuist konden maken. Een monument als ontmoetingsplek en om simpelweg te “zijn”.’

De opening van het monument in 1987 werd groots gevierd met een straatfestival waar bekende artiesten als Ramses Shaffy, Mathilde Santing en Jan Rot optraden. Toch zou het monument in de jaren daarna niet meteen de levendige functie krijgen die Stichting Homomonument had beoogd. Geheel onverwacht kwam kort na de opening de nadruk in eerste instantie vooral op herdenken te liggen. Het was de tijd waarin de aidsepidemie zijn eerste slachtoffers eiste. Daan: ‘Toen ik het ontwerp maakte had ik nooit voorzien dat de driehoek op het water een gedenkplek met bloemen zou worden. Maar het is zo gegaan en het is een factor van belang geworden die me elke keer weer ontroert.’ Het gedenken van aidsslachtoffers is nog altijd een belangrijke functie van het monument en ook de belangstelling voor de 4 mei herdenking zou volgens Daan met de jaren groeien. ‘Het begon met een handjevol mensen, maar tegenwoordig zijn het er honderden, inclusief hoogwaardigheidsbekleders.’Herdenken op het Homomonument - © Jurgen Koopmanschap

Vanaf de jaren negentig zou het Homomonument ook op een heel andere manier gaan leven. Het eerste grote initiatief daartoe was de organisatie van het Roze Wester Festival op Koninginnedag: een festival dat in 1992 bescheiden begon met wat optredens en een informatiemarkt, maar later zou uitgroeien tot een feest met duizenden bezoekers. Inmiddels wordt op Koningsdag, -nacht, Bevrijdingsdag en tijdens Gay Pride op het Homomonument gedanst. Volgens Hennie Klein Gunnewiek van Pink Point, de gay informatiekiosk bij het monument, hebben deze feesten een essentiële rol gespeeld bij het levend houden van het monument. ‘Het is de enige plek in Amsterdam waar de hele homogemeenschap samenkomt. De programmering tijdens feesten is zo divers dat het verschillende groepen aantrekt en er is geen dresscode, entreegeld, leeftijdsgrens of wat voor drempel dan ook. Daarbij draait het festival voornamelijk op vrijwilligers. Ook dat bindt de gemeenschap.’

Ook het feit dat de rij voor het Anne Frank Huis steeds verder uitdijt en op drukke dagen dwars over het Homomonument loopt zorgt volgens Klein Gunnewiek voor extra zichtbaarheid en interesse. ‘De hele wereld komt hier voorbij en gaat op het monument zitten, zelfs complete orthodox-Joodse families.’ Omdat veel niet-homotoeristen geen idee hebben dat het om een homomonument gaat loopt Klein Gunnewiek er nog weleens heen met een folder. ‘Sommigen schrikken daarvan en lopen weg, maar heel vaak ontstaan mooie en nuttige discussies over homorechten. Soms ontmoet ik ook bezoekers die heel emotioneel worden. Voor een homoseksueel uit een land als Oeganda is een plek als deze echt heel bijzonder.’Het Homomonument bestaat uit drie gelijkzijdige driehoeken van roze graniet die samen weer een grote driehoek vormen. De drie driehoeken symboliseren verleden, heden en toekomst. De roze driehoek was in de concentratiekampen van Nazi Duitsland het teken voor homoseksuelen, maar zou later het trotse symbool worden van de homo-emancipatie. © Stichting Homomonument

Het Homomonument is in de afgelopen decennia uitgegroeid tot een visitekaartje van de geschiedenis van Amsterdam als tolerante stad. En bij het uitdragen van het homovriendelijke karakter van de stad raakte ook de Amsterdamse politiek steeds meer betrokken. ‘Eind jaren negentig zagen we daarin een eerste hoogtepunt’, zegt oud-burgemeester Job Cohen, doelend op het glunderende gastheerschap van zijn voorganger Schelto Patijn tijdens de Gay Games in 1998. ‘Prachtig om te zien hoe juist zo’n keurige man als Patijn daar totaal voor ging staan.’ Bij een andere grote mijlpaal, het homohuwelijk, was Cohen zelf nauw betrokken. Als staatssecretaris loodste hij het wetsvoorstel voor openstelling van het burgerlijk huwelijk door het parlement en als burgemeester van Amsterdam sloot hij het eerste homohuwelijk ter wereld. ‘De homo-emancipatie is wezenlijk onderdeel van de Amsterdamse geschiedenis en het Homomonument is daar een symbool van. Als je ervoor zorgt dat zo’n monument blijft leven, hou je ook de geschiedenis levend.’

En de toekomst van het monument, hoe levendig ziet die eruit? Als het ligt aan Daan Smeelen, de huidige voorzitter van Stichting Homomonument, zal het dansen op het monument in elk geval doorgaan. ‘Het bindt de gemeenschap en met een leuk feestje trek je ook de jongere generatie naar je toe. Daar zijn we de afgelopen jaren overigens behoorlijk goed in geslaagd. En jongeren komen echt niet alleen naar de feesten, ook tijdens herdenkingen zijn ze in steeds grotere getalen aanwezig.’ Ook wil de stichting de komende jaren de protestfunctie van het monument versterken door actief samen te werken met andere LGBT- en mensenrechtenorganisaties. ‘We zijn te klein om dat allemaal zelf te initiëren, maar het Homomonument kan andere organisaties wel helpen en faciliteren. We steken daarom veel energie in het opbouwen van ons netwerk.’ Verder denkt Smeelen dat voor een levend Homomonument altijd zal moeten worden gezocht naar linken met het heden. ‘Dat betekent dat je moet openstaan voor kwesties en initiatieven die nú om aandacht vragen. Een prachtig voorbeeld daarvan vind ik de herdenking die we sinds een aantal jaar op Transgender Remembrance Day houden. Een ceremonie waarbij elke aanwezige een roos legt en de naam en leeftijd van een transgender opleest die dat jaar ergens in de wereld is vermoord. Ik kan je zeggen: die berg met rozen is behoorlijk groot.’

Tekst: Stéphanie Albicher / Coverfoto: Dennis Bouman