Felten, die werkzaam is voor Movisie, reageert hiermee op Anouk Kootstra. Zij schreef: 'Homoseksualiteit is slechts een klein onderdeel van mijn identiteit, en de laatste van mijn zorgen.' Volgens Felten heeft niet iedereen het talent om vervelende reacties te relativeren. Maar uit onderzoek blijkt dat niet iedereen dit talent heeft.

Ze wijst ook op onderzoek van de Universiteit van Amsterdam (2014). Daaruit bleek dat negatieve reacties van leeftijdgenoten over lesbisch-, homo- of bi-zijn bij LHBT-jongeren gepaard gaan met een slechtere psychische gezondheid. Uit de SCP-cijfers blijkt dat zij ruim twee keer zo vaak emotionele en gedragsproblemen hebben en vierenhalf keer zo vaak een zelfmoordpoging doen dan heteroseksuele jongeren.

Felten: 'Is alleen die starende blik of vervelende opmerking dan al voldoende om homo- en biseksuele jongeren uit het veld te slaan? Nee, het gaat om meer. Denk aan de twijfels of je ouders je zullen accepteren, reacties op je sportclub of een teleurgestelde oma. Dit wordt in de wetenschappelijke literatuur minderheidstress genoemd: stress en spanning omdat je 'anders' bent dan de meeste mensen om je heen. Niet alleen de negatieve reacties kunnen die spanning geven maar ook de angst daarvoor. En mogelijk heeft je negatieve reactie naar jezelf nog de meeste impact.' 

Felten stelt dat niet iedere lesbische, homo- of biseksuele persoon problemen heeft. Maar dat de groep  als geheel wél slechter af is. De belangrijkste oorzaak is volgens haar dat heteroseksualiteit nog steeds de norm is. Felten: 'Daar hebben jongeren last van, maar ook ouderen die voor zorg afhankelijk zijn van anderen, vluchtelingen en iedere homo die thuis hoort dat homoseksualiteit een ziekte of zonde is.' 

Ze pleit ervoor om,'samen met de Anouks van deze wereld', werk te maken van een toekomst waarin homoseksueel zijn voor íédereen de laatste van zijn zorgen is.

Bron: Volkskrant van 22-05-1990 
Het volledige artikel is ook te lezen via Blendle