'Wat jammer dat je nu geen kinderen krijgt, en wij geen kleinkinderen.' Dat is vaak de eerste, teleurgestelde reactie van ouders als hun zoon of dochter uit de kast komt. Die veronderstelling klopt volgens Ineke en Tijsma niet meer, want steeds meer homo’s en lesbiennes krijgen tegenwoordig wél kinderen.

Volgens het COC groeit het aantal ‘roze’ gezinnen met kinderen. Alomvattend onderzoek ontbreekt, maar cijfers die wel beschikbaar zijn, laten een duidelijke opwaartse trend zien: in 2001 adopteerden 58 duomoeders volgens het CBS het kind van hun vrouwelijke partner, in 2011 waren dat er al 351.

Het COC heeft de afgelopen 15 jaar gestreden om de wet in overeenstemming te brengen met deze maatschappelijke werkelijkheid. Zo verdween in 2009 het verbod voor homo- en lesbische paren een buitenlands kind te adopteren. En dankzij de wet lesbisch ouderschap kan een niet-biologische moeder het kind van haar vrouwelijke partner sinds 2014 net zo makkelijk erkennen als een niet-biologische vader: op het gemeentehuis in plaats van via een lange, dure en ingewikkelde adoptieprocedure.

Deze wetten hebben het leven voor lesbische, homoseksuele en biseksuele ouders aanzienlijk vereenvoudigd, maar de maatschappelijke ontwikkelingen hebben intussen niet stil gestaan. Steeds meer lesbiennes, homo’s en bi’s kiezen ervoor hun kinderen op te voeden met méér dan twee volwassenen. De biologische vader met wie een lesbisch koppel een kind krijgt, vervult dan bijvoorbeeld een volwaardige ouderrol. Alleenstaande (lesbische of heteroseksuele) vrouwen voeden een kind op met een homopaar. En er zijn homo- en lesbische koppels die bij de opvoeding van hun kinderen alle vier een gelijkwaardige rol vervullen.

Gegevens van Stichting Meer dan Gewenst zijn wat dat betreft veelzeggend. Deze club, die bijeenkomsten organiseert voor met name homo-, lesbische en biseksuele wensouders, had vijf jaar geleden zo’n drie ontmoetingsavonden per jaar. De bezoekers waren vooral lesbische paren met een kinderwens, in totaal zo’n negentig mensen. Inmiddels zijn het tien bijeenkomsten per jaar waar bijna 700 mensen op afkomen: paren van gelijk geslacht en alleenstaande hetero’s, lesbiennes, homo’s en bi’s. Volgens Meer dan Gewenst gaat het vaak om mensen die een kind met meer dan twee ouders willen opvoeden.

Wat het COC betreft, is het hoog tijd deze vormen van meerouderschap juridisch goed te regelen, want nu mag een kind volgens de wet maar twee ouders hebben.

Langs de douane
Bij de regeling van meerouderschap staat het belang van het kind voorop. Talloze onderzoeken uit binnen- en buitenland tonen aan dat het voor de ontwikkeling van kinderen niet uitmaakt wat het geslacht of de seksuele voorkeur van hun ouders is; bepalend zijn de opvoedingskwaliteiten van de betrokken volwassenen. Uit recent onderzoek blijkt dat een wettelijke regeling van meerouderschap óók in hogen mate kan bijdragen aan het belang van het kind. Kinderen hebben er baat bij als de feitelijke situatie waarin ze opgroeien juridisch goed geregeld is. Dat laatste is nu vaak niet het geval.

Neem bijvoorbeeld het meeroudergezin van Petra, Jantien, Erik, Pedro en hun zoons Manuel (6) en Peter (8). Hun kinderen zijn vier dagen bij de moeders, één dag bij de vaders en in de weekends trekken de ouders samen op. Volgens de wet zijn alleen Petra en Jantien de ouders.

Afgelopen zomer gingen Erik en Pedro met de kinderen op vakantie naar Italië. Bij de douane hielden ze hun adem in. Ze hadden immers geen enkel officieel document waarin staat dat zij de ouders zijn. Gelukkig werden ze niet aangehouden bij de grens en ging alles verder goed. Voor de zekerheid hielden ze de hele vakantie een brief met een verklaring van de moeders op zak.

Of neem Arjen, Liang, Anne, Tamar en hun tweeling Rogier en Jessica van vijf. Bij hen is de zorg voor de kinderen precies gelijk verdeeld, maar volgens de wet zijn alleen Arjen en Tamar de ouders. Als de kinderen naar de dokter moeten, gaat Liang – zelf arts – altijd mee. Bij een levensbedreigende situatie heeft hij echter niets te zeggen, want officieel is hij geen ouder. Bij elk briefje van school, het openen van een spaarrekening en allerlei andere officiële handelingen rond de kinderen speelt dezelfde vraag: mogen Anne en Liang wel tekenen? Het officiële antwoord is: nee.

Tenslotte Sabine, Els en Arnoud. Zij voeden hun kinderen Reinier (11) en Lisa (8) samen op, maar alleen Sabine en Els zijn officieel ouder. Als Arnoud wil dat zijn kinderen van hem erven, moet hij eerst een testament opstellen. En dan nog gaat er van elke 1000 euro 300 euro naar de belastingdienst. Als het zijn ‘officiële’ kinderen waren, was dat maar 100 euro, de belastingvrije voet nog niet eens meegerekend.

Geen erkenning
Kortom, het gebrek aan een goede wettelijke regeling leidt tot dagelijkse problemen en onrechtvaardige situaties voor meeroudergezinnen. Maar het grootste pijnpunt, zo vinden zowel de kinderen als hun ouders, is het gebrek aan erkenning. Want hoewel de betrokkenen elkaar allemaal beschouwen als ouder en kind, ontkent de wet dat glashard.

Het is dan ook niet verwonderlijk dat de meeste deelnemers aan een recent onderzoek van de regering naar meerouderschap, vinden dat het ouderlijk gezag moet worden toegekend aan alle ouders die het kind daadwerkelijk opvoeden.

Mede op aandringen van het COC buigt de Staatscomissie Herijking Ouderschap zich nu over deze kwestie. Ons advies aan die commissie is: regel meerouderschap zo snel mogelijk. De Canadese provincie British Columbia kan daarbij als voorbeeld dienen, want daar is meerouderschap al sinds 2014 geregeld.

Zijn er ook nog nadelen aan meerouderschap? Toen de Peter, de 8-jarige zoon van Petra, Jantien, Erik en Pedro, onlangs die vraag kreeg, moest hij daar even goed over nadenken. ‘Ja,’ was zijn antwoord. ‘Mijn vriendjes zijn jaloers dat ik vier ouders heb en zij maar twee.‘

Bron: COC