Vier jaar geleden kreeg ik eenzelfde soort opmerking te horen. Honderden keren zelfs. Van hetero’s die stellig dachten te weten dat ik niet van de vrouwen ben. Dus wel.

Maar hier, om één uur ’s nachts, in het weinig florissante rookhok van een hoegenaamd heel hip hipster lesbo-feest, is wel de laatste plek waar ik hem opnieuw verwachtte.

Ik stamel wat. Te geëmotioneerd om echt te reageren. Tranen in de ogen. Want deze zogenaamde ‘fase’ of ‘PR-stunt’ heeft me m’n familie gekost. M’n leven eigenlijk. Alles wat ik kende, veranderde in één knipbeurt, één naamsverandering. Het meisje lijkt er weinig mee te zitten. Zonder zelfs met haar ogen te knipperen drinkt ze verder van haar bier.

Er gaat geen dag voorbij zonder dat ik door mensen op mijn gender aangesproken word. Of ik nu man ben of vrouw, willen ze weten. Denigrerende opmerkingen. Onverklaarbare scheldkanonnades door onbekende mannen op scooters. Er is verwondering, verwarring en vooral veel onbegrip.

'Die regenbloogvlag heeft niet voor niets meer dan één kleur'

Opvallend genoeg zijn het juist de LHB’s van het kleurige gay-alfabet die me het meest met opgetrokken wenkbrauwen aankijken. En maar lachen. En maar grappen. En maar hardnekkig ‘zij’ blijven zeggen. Of me in de Reality mijn shotje ontzeggen. Of ik echt een man ben, wil een hongerige homo in de Taboo even weten. En of ik me dan als top of bottom aanbied? Tja, wat antwoord je daarop? Ik bied me sowieso niet aan. Maar laat het bij: ‘Ik ben een man met een vagina…’ De persoon in kwestie weet niet hoe hard hij rennen moet.

Waar de meeste hetero’s voorzichtig hun respect betuigen en vooral niet te veel durven vragen over al te lichamelijke feiten, vinden veel gays het blijkbaar heel normaal direct onder de gordel te duiken. En vooral luid en duidelijk hun eigen mening te verkondigen. Tot zover het onderlinge respect en begrip. Wat ik überhaupt nog in de gayscene doe? En of ik nu dus hetero ben? Nee, ik ben nog steeds gay all the way, noem me gerust gay plus. Die regenbloogvlag heeft niet voor niets meer dan één kleur. Dat heet nu echt diversiteit, dus.

Foto: Mgr. Madhatter