‘Fuck it. Jullie moeten van het leven genieten’, zei Ton, terwijl hij een aantal milliliters wit door het slangetje in zijn maag spoot. Hij vroeg of ik nog wat van hem had gehoord. Hij doelde op mijn relatie die vorige week net niet de drie jaar heeft gehaald. Deze vraag had hij de afgelopen weken elke keer dat ik hem zag gesteld. Hij was oprecht geïnteresseerd en vond het zo jammer dat het over was. ‘Is voor nu niet belangrijk’, zei ik sussend tegen hem. ‘Het is wel belangrijk’, zei hij dan boos. ‘Je houdt toch van hem?!’

'Ik ben misschien een gevoelig persoon, maar doorgaans niet zo'n jankerd'

Toen ik die nacht enigszins beschonken bij hem wegging wilde hij per se in de rolstoel mee naar de uitgang van de hospice. Er stond een piano. Snel een paar maten voor hem gespeeld en een dikke knuffel volgde. Een traan kon ik niet tegenhouden.

Ik ben misschien wel een gevoelig persoon, maar doorgaans eigenlijk niet zo’n jankerd. In de afgelopen weken zijn er echter genoeg tranen over mijn wangen gerold vanwege het overgaan van mijn relatie. De jongen waar je zielsveel van houdt niet meer kunnen zien, gaat je niet in de koude kleren zitten.

Het verbaasde me. Over het niet meer zien van mijn ouders heb ik namelijk geen traan gelaten. Is dat boosheid? Komt het nog? We kennen elkaar 33 jaar en waarschijnlijk zijn we elkaar door de jaren heen ontgroeid. Vreemden geworden van elkaar door het wisselende contact en de discussies over homoseksualiteit en kerk. Ik heb tien jaar lang mijn geaardheid moeten verdedigen en dat heeft geresulteerd in heel wat slapeloze nachten. 

Mensen vragen mij weleens af of ik er wel vrede mee heb, omdat veel van mijn stukken erover gaan. Natuurlijk blijft het een gemis, het zijn nu eenmaal mijn ouders, maar er is ook een soort van berusting. Ik heb aanvaard wat niet te vermijden was. Ik heb deze stap zelf moeten zetten. Zelf deze knop om moeten zetten, met veel steun van mijn vrienden, mijn broer en mijn vriend. Het zou mij anders naar beneden halen. 

Mijn vriend kende ik bijna drie jaar. Ik heb hem via Grindr ontmoet. We hebben twee jaar een langeafstandsrelatie gehad en dat waren heel mooie maar ook moeilijke jaren. De reis naar Frankrijk. Elke maand op en neer. Op het station opgewacht worden, maar ook afscheid nemen van elkaar. Het laatste jaar samen in Den Haag was intens. Er gebeurde veel, maar God, wat hielden wij van elkaar. 

'We zijn allebei eigenwijs en hebben een flinke rugzak, dat maakte onze liefde zo groot en voelbaar'

Ton kende ik eigenlijk helemaal niet zo lang. Zijn vriend was een collega uit het ziekenhuis en zo is het contact gegroeid. We spraken elkaar via Facebook messenger en zo ontstond het idee om een keer een mooie foto te maken van hun twee. 

In de laatste maanden, toen hij de keuze had gemaakt om niet meer verder te leven, had hij gevraagd of ik nog een keer een foto wilde maken. En zo zat ik gisteren op het bed naast hem, met zijn beste vrienden om hem heen. Het afscheid was zwaar. Een paar minuten voordat hij zou gaan, drukte hij zijn hoofd tegen me aan en we zeiden dat het veel te kort was geweest, maar ook dat het zo goed was. ‘Ik heb je wat gestuurd per e-mail’, zei hij. 

Men zegt weleens: het gaat niet om het product, maar om het proces. Het proces tussen mijn ouders en mij was, voordat ik mijn geaardheid kenbaar maakte, waardevol en mooi. In het wisselende contact met ze de afgelopen jaren kwamen dit soort momenten af en toe boven water, maar het zwarte deken van de kerk was voornamelijk over ons heen gespreid, waardoor het proces minder werd en het product, de liefde van ouders en een kind, schade opliep. 

Mijn relatie met mijn vriend was een proces dat niet alle koppels kennen of ervaren. De afstand, de taal, de cultuur en in het laatste jaar samenwonen, een nieuwe baan, zijn coming-out. En natuurlijk ook twee eigenwijze jongens, met ieder een flinke rugzak vol bagage. Dat proces maakte onze liefde groot en zo voelbaar, maar heeft ons ook gebracht waar we nu staan. Het afscheid.

Het proces geeft de waarde weer van onze relaties, van onze vriendschappen. Ik heb, voor nu, afscheid moeten nemen van mijn ouders. Zij hebben mij wel voor een deel gevormd tot wie ik nu ben. Daar ben ik ze dankbaar voor. Ik heb afscheid moeten nemen van mijn vriend, maar wat ben ik hem dankbaar voor de mooie tijd die wij samen hebben gehad. De tranen en het gemis zullen nog wel blijven, is mij verzekerd door vrienden. Eergisteren heb ik afscheid moeten nemen van Ton. Die mij in de korte tijd dat wij elkaar hebben gekend veel wijze lessen en liefde heeft gegeven. Op zijn manier.

In zijn laatste e-mail trof ik de volgende woorden aan. 

‘Dank voor de korte vriendschap, maar die zijn ook leuk. Raak je niet op elkaar uitgekeken. Maar dit was erg kort. Het ga je goed.'

Het was te kort. Veel te kort.

Foto: Peter van der Wal