25 jaar in het vak. Voorbijgevlogen?
‘Ja, eigenlijk wel. Ik heb altijd heel erg van m’n vak gehouden en vind filmen nog steeds het allerleukste wat er is. Het is niet sleets geworden, anders was ik er allang mee gestopt. Toen Het Ketelhuis vroeg of ik het leuk zou vinden als ze een festival zouden organiseren rond mijn werk, twijfelde ik wel even. Ik vind het namelijk heel erg ijdel. Maar het is natuurlijk ook hartstikke leuk, daarbij gebruik ik de vier dagen van het festival om de start in te luiden van een crowdfundingcampagne voor mijn nieuwe speelfilm Niemand in de stad.’

Is het de eerste keer dat je een film via crowdfunding probeert te realiseren?
‘Ja.’

Spannend?
‘Nee, juist wel leuk. Het is ook een goede thermometer om te zien wat het publiek eigenlijk van mijn werk vindt. Ik hoop dat mensen het leuk vinden dat ze op die manier letterlijk een steentje bijdragen aan de film. En uiteraard staan daar leuke beloningen tegenover.’

Zoals een gezellige lunch met jou?
‘Haha, nee, maar ik geef wel plekken weg voor een masterclass in het DeLaMar Theater waarbij ik laat zien hoe ik altijd te werk ga!’

Waar gaat de film over?
Niemand in de stad is een verfilming van een boek van Philip Huff. Het is een sprankelend verhaal dat zich afspeelt in het corporale Amsterdamse studentenleven. Het is een vrij harde, pittige film. Niet een soort romantische versie van de werkelijkheid. Het schieten van de serie Ramses was voor mij een experiment, dat heeft niet onverdienstelijk uitgepakt. Nu wilde ik me een keer wagen aan een speelfilm.’ 

Wat kunnen we verwachten van het festival in Het Ketelhuis?
‘We hebben voor iedere avond een thema. Op donderdag laten we allemaal films zien met een LHBT-thema. Mensen uit die films komen dan ook naar Het Ketelhuis. Een van de vrouwen uit I Am a Woman Now, een film over de eerste generatie transvrouwen, gaat bijvoorbeeld in gesprek met Valentijn de Hingh en twee deelnemers uit Hij is een Zij. Heel lang geleden heb ik ook een documentaire gemaakt over drie heteroseksuele travestieten, zij zijn ook van de partij. Wacht, ik laat even een foto zien.’ Michiel trekt een exemplaar van het programmaboekje tevoorschijn, waarin een foto staat van een van de mannen in drag, samen met zijn vrouw. ‘Prachtig dit, toch? Er is ook een film te zien waarin ik afreis naar Amerika om te proberen hetero te worden.’

Hennie uit 'Lang Leve... Hennie, Kitty en Juul', samen met zijn vrouw Joke.

'Ooit probeerde ik me voor een docu te laten genezen van mijn homoseksualiteit. Is niet gelukt'

Wat deed dat met je?
‘Nou, het is niet gelukt, hahaha. Het maakte deel uit van de serie Op Avontuur. Daarin reisde ik mee met mensen die heel ingrijpende dingen gingen doen. Zo vergezelde ik een man die een bruid ging kopen op de Filipijnen en zou ik met twee mannen die hetero wilden worden afreizen naar Amerika. Op het laatste moment zeiden zij echter af, maar toen hadden we natuurlijk alle voorbereidingen al getroffen, dus ben ik zelf maar gegaan. Ik heb me helemaal opengesteld, echt geprobeerd om het binnen te laten. We begonnen bij een AA-achtig groepje. Zij mochten niet met hun hoofd in beeld. In plaats van dat ze homoseks hadden, praatten ze erover in groepsverband. Zogenaamd om het te veroordelen, maar eigenlijk genoten ze natuurlijk onwijs van elkaars verhalen. Iedereen raakte er gewoon opgewonden van. Die opnames waren best wel heftig. Ik weet nog dat ik bang was dat ik als hetero terug zou keren; hoe had ik dat thuis moeten vertellen?’

Wat zijn de thema’s van de andere avonden?
‘Er is een avond met portretten en een met documentaires over het Koningshuis. Overdag worden allemaal films vertoond die niet in een van de categorieën passen. Bijvoorbeeld Pretpark Nederland en mijn documentaire over de nasleep van de MH17. Op zondag sluiten we af met een bonte middag met mijn favoriete fragmenten uit 25 jaar werk, die wordt gepresenteerd door Paul de Leeuw. Hij bood het zelf aan, dus daar kon ik natuurlijk geen nee tegen zeggen.’

Je begon ooit als acteur voordat je de overstap maakte naar regisseur. Hoe verliep dat? Wanneer besefte je dat je passie ergens anders lag?
‘Ik wilde acteur worden, maar was nog te jong voor de toneelschool. Het werd dus de TU in Delft, die heb ik ook afgemaakt. Daarna ben ik vanuit het studententoneel gaan auditeren bij verschillende toneelgezelschappen en werd ik ergens aangenomen. Vijf jaar heb ik als acteur gewerkt en toen dacht ik: dit houd ik niet m’n hele leven vol. Ik vond mezelf niet goed genoeg en kon er niet mijn ei in kwijt. Ik voelde me vaak meer de regisseur dan de acteur. Via een vriendin belandde ik bij een VPRO-programma voor beginnende makers. Sindsdien heb ik de camera nooit meer neergelegd.’

April Ashley met haar beste vriend en beroemde kapper ‘Robèrt de Paris’ in 'I Am A Woman Now'.

'In alles wat ik maak staat de mens centraal'

Wat was het allereerste wat je ooit maakte?
‘Dat waren portretten over productontwerp. Hoe ontwerp je een postzegel, dat werk. Ik studeerde in Delft ook productontwerp, dus dat was een goede match. Toen bleek echter al snel dat die portretten meer gingen over de mensen dan over de producten die ze ontwierpen. Daar heb ik dus mijn handelsmerk van gemaakt.’

Van de mens?
‘Ja, alles wat ik maak gaat over mensen. Over dappere mensen, mensen die iets proberen, die alles uit het leven durven te halen. Gepassioneerde mensen. Ik vind het extra leuk als ze zo je buurman zouden kunnen zijn.’

Een beetje a la Man Bijt Hond.
‘Ja, maar dat programma was altijd heel cynisch. Ik geef er niet echt commentaar op, dat laat ik aan de kijker over. Al mag er natuurlijk wel gelachen worden.’

Op welke film ben je het meest trots?
I Am a Woman Now. Daar hebben we als team heel veel energie in gestopt. En ik vind het ook prachtig dat-ie in zoveel landen vertoond is uiteindelijk. Dat is echt een hoogtepunt voor me.’

Houd je eigenlijk veel contact met je geportretteerden nadat het filmen erop zit?
‘Dat hangt van de mensen zelf af. Sommigen zijn er wel klaar mee wanneer de opnames afgerond zijn, anderen willen graag contact houden. Het is voor sommige mensen best wel heftig om te zien hoe de reacties zijn wanneer het uiteindelijk wordt uitgezonden. Die reacties heb ik niet in de hand natuurlijk, dus dan is een beetje nazorg wel op zijn plek.’

Noem eens een minder bekende productie van de afgelopen kwart eeuw waar je echt van hebt genoten?
‘De documentaire Een verloren hart. Die wordt ook op het festival vertoond. Het is een waargebeurd verhaal over iemand op Sardinië die dringend een harttransplantatie nodig had. In Rome was een hart beschikbaar van iemand die verongelukt was. Vier artsen zijn met dat hart in een vliegtuig van Rome naar Sardinië gevlogen en zijn toen tegen een berg op geknald. Iedereen dood, behalve het hart. Wij hebben met alle betrokkenen en nabestaanden gepraat, van zowel de donor als de ontvangende. Het eind ga ik niet verklappen, maar het is een tranentrekkende, poëtische film. Die film werd uiteindelijk uitgezonden op een avond dat een bekendheid overleed, dus niet veel mensen hebben ’m nog gezien denk ik.’

'Ik ben altijd gefascineerd geweest door roem en wat dat met je doet'

Ben je eigenlijk ook weleens heel hard op je bek gegaan?
‘Vast wel, haha, maar er schiet me nu niets te binnen. De keren waar het mis ging heb ik gewoon een beetje verdrongen. Ik focus lekker op de successen.’

Je werkt momenteel ook aan een documentaire over een andere homo die al 25 jaar in het vak zit: Gordon. Wat bewoog je om hem te portretteren?
‘Ik ben altijd gefascineerd door hem geweest. Sowieso door roem en wat dat met je doet. Gordon is zo bekend en soms weet je niet eens meer precies waarvan. Is-ie nu een zanger, een presentator? Fascinerend, vind ik dat. Ik probeer een beetje inzicht te geven in wie hij is en hoe hij is. Dat is heel leuk, maar ook heel lastig. Hij is enorm gewend aan camera’s, dus ik moet hem er constant aan herinneren dat hij van mij niet de hele tijd grappen hoeft te tappen.’

Heb je je als gay man eigenlijk verplicht gevoeld om iets met je seksualiteit te doen in je werk?
‘Ja. Ik heb me altijd voorgenomen om waar het kan dat element in mijn werk terug te laten keren. Als je Nederland laat zien, moet je ook homo’s laten zien. Dat heb ik wel een beetje geforceerd gedaan. Het is ook gewoon onderdeel van mij, dus onbewust verwerk ik het in bijna al mijn werk. In mijn nieuwe speelfilm zit ook weer een homoseksueel thema. Dat doe ik ook wel expres. Ik vind het fijn dat ik met mijn werk daarin iets kan betekenen.'

25 jaar Michiel van Erp vindt van 1 t/m 4 september plaats in bioscoop Het Ketelhuis te Amsterdam. Kaartjes zijn hier verkrijgbaar.

Tekst: Martijn Kamphorst