Op het voorblad van het onderzoek staat een groezelige foto, waarop een jongeman angstig door de kier van een statige kast tuurt. Ik krijg er gelijk een beetje de kriebels van. Het beeld is voor mij typerend voor het gevoel dat gay jongeren vaak ervaren binnen de orthodoxe kerk. Ze leven in de schaduw. Bang. Voor God, voor ruzie met de ouders, voor afwijzing van vrienden in de kerk. Een beeld van een kast met een kruis erin en de titel ‘De kerk uit de kast’ had ik een stuk passender gevonden. Maar goed, genoeg over de vorm, laten we het hebben over de inhoud.

Ik werd direct getriggerd toen ik de publicatie op Facebook voorbij zag komen. Zou er eindelijk vooruitgang zijn? Van de 889 vragenlijsten kwamen er 361 ingevuld terug. Daaruit werd de voorzichtige conclusie getrokken dat er een verandering plaatsvond in de orthodoxe kerk.

'Voor 120.000 kerkleden is homoseksualiteit nog steeds de grootste zonde'

Er zou sprake zijn van bezinning en besluitvorming rondom het thema homoseksualiteit. Al doorkllikkend kwam ik uit bij Robert Plomp, een christelijk blogger. Hij stelt, onder andere naar aanleiding van de resultaten van dit onderzoek, dat homoseksualiteit in de orthodoxe kerk binnen twintig jaar volledig is geaccepteerd. ‘In de jaren vijftig werd homoseksualiteit nog als zondig gezien en nog geen dertig jaar geleden dacht orthodoxe christenen dat homoseksualiteit genezen kon worden’, vertelt hij. Maar nu, nu werd de homo in de kerk als volwaardig mens gezien.

Ik waardeer zijn optimisme en ben blij met de kentering bij deze gemeenten, maar toch valt me iets op. De vragenlijst werd onder ander verspreid de Alliantie van Baptisten, de Christelijk Gereformeerde Kerken en de Gereformeerde Kerken. De Gereformeerde Gemeenten en Oud Gereformeerde Gemeenten worden echter niet genoemd. Deze orthodoxe Nederlandse kerken zijn goed voor zo’n 250 kerkenraden – dus 250 vragenlijsten – en tellen grofweg 120.000 leden. Plomp vergeet in zijn betoog dat juist díé 120.000 kerkleden homoseksualiteit nog steeds een van de grootste zonden achten – en hun kinderen met die gedachte opvoeden.

Ooit kreeg ik van mijn moeder een boekje getiteld: Voor een bijzondere zoon. Het bevatte teksten als ‘Ik denk dat ik in mijn leven iets bijzonders moet hebben gedaan om een zoon te verdienen als jij’. Persoonlijk krijg ik een vrij onbestemd gevoel van dit soort teksten, maar het was een mooi gebaar. 

'De liefde voor God is voor mijn ouders een hoger doel'

Niet lang geleden bladerde ik er wat doorheen. Ik vroeg me af of mijn ouders dit boekje zelf ook hadden gelezen. Het liet mij namelijk teksten zien die niet vielen te rijmen met onze relatie de afgelopen jaren. Het opent met de tekst: ‘Ik moet geen dromen voor jou dromen, maar je de kans geven zelf te dromen – en alles doen wat in mijn vermogen ligt om ze uit te laten komen.’ En op een andere pagina: ‘Ik weet niet waar je heen zult gaan, wat je zult doen, wie je lief zult hebben – maar ik sta klaar om voor je te applaudisseren.’

Vanaf het moment dat ik die kast openduwde, heb ik mijn ouders nooit horen applaudisseren voor mijn seksualiteit, mijn vriendjes of mijn leven. Homoseksualiteit is en blijft in de ogen van de orthodoxe kerk een zonde. De liefde ontbreekt bij mijn ouders echt niet. Daar ben ik van overtuigd. De liefde voor God is alleen een hoger doel.

Over het onderzoek ben ik niet negatief. Een grootschalig onderzoek zou ik het niet noemen, maar het toont een voorzichtig positief geluid vanuit de Nederlandse kerk. Top. 

De ontwerper had er echter goed aangedaan een rijkende hand af te beelden die de kast voor de jongen openhoudt. Dat is namelijk wat jongeren in de kerk nodig hebben. Geen dichtslaande deuren, maar deuren die wijd open staan en blijven, een dominee die het gesprek aangaat, een vriend uit de kerk die je steunt en ouders die voor je klaar staan om voor je te applaudisseren! 

Foto: Peter van der Wal