In 1979 is de Roze Zaterdag in Roermond ontstaan na een demonstratie tegen een Rooms-Katholieke bisschop. 36 jaar later mag de stad zich Regenboogstad noemen. Roermond is hiermee de 44e Nederlandse gemeente die zich zo mag noemen en de zesde gemeente in de provincie Limburg. Roermond wilde al veel eerder dat de stad het regenboogstempel kreeg, maar het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Welzijn (OCW) hield dit tegen. Er zouden in vergelijking met andere provincies al te veel Limburgse steden zijn die zichzelf Regenboogstad mogen noemen. Een Regenboog wordt toegekend aan gemeenten die een convenant hebben getekend waarin ze verklaren gezamenlijk de sociale acceptatie, veiligheid en emancipatie van homo’s, lesbiennes, biseksuelen en transgenders te verbeteren. Sinds 20 september mag Roermond zich dus ook Regenboogstad noemen. Wethouder Marianne Smitsmans ondertekende de intentieverklaring ‘Lokaal emancipatiebeleid 2015-2017 LHBT’, zoals het convenant officieel genoemd is. Volgens Smitsmans moet er nog veel werk worden verricht in Limburg. Het hoge aantal gemeenten dat meedoet met het convenant toont aan dat de bereidheid er is om daaraan te werken. Op 11 oktober, dan is het Coming Out-dag, zal de binnenstad van Roermond worden volgehangen met regenboogvlaggen. Verder werkt de gemeente samen met het COC om voorlichting te geven, onder meer op middelbare scholen.