Wanneer ik binnenkom in de repetitieruimte is Melih druk aan het repeteren met ongeveer tien man. Melih is een Turks-Duitse theatermaker, die een jaar geleden officieel Nederlander is geworden. Tijdens de repeities spreek ik met hem en twee van zijn spelers: de Palestijnse transvrouw Céline, die naar Nederland is gevlucht en Chedli, die via Tunesië en Bureit naar ons land is gekomen. 

'Vijfduizendtweehonderdwoorden is eigenlijk een suggestie', begint Melih. 'Een performatieve installatie, waarin ik het podium deel met mensen die ik een jaar lang heb gevolgd. Het bijzondere van dit stuk is dat ook het publiek op het podium staat. Het is een vrije ruimte die we samen vorm geven.'

'Toen ik Nederlander werd, dacht ik afstand te hebben genomen van mijn Turkse nationaliteit'

Wat wil je met deze voorstelling vertellen?
Melih
: 'Ik ben sinds één jaar officieel Nederlander. Ik heb een Duits-Turkse achtergrond, mijn moedertaal is dus Duits. Daarna heb ik Turks, Engels, Japans en Nederlands leren spreken. Ik spreek veel talen, maar geen enkele perfect. Ik heb altijd het gevoel gehad dat ik te laat ben met spreken, te laat ben met het geven van reacties. Dat heeft met mijn taalachterstand te maken. Toen ik Nederlander werd, dacht ik echt afstand te hebben genomen van mijn Turkse nationaliteit. Maar wat betekent het als je nog niet goed Nederlands spreekt? Vanuit dat idee heb ik het concept voor Vijfduizendtweehonderdwoorden ontwikkeld. Een jaar lang heb ik Céline, Chedli en andere nieuwe Nederlanders gevolgd in hun taalontwikkeling.'

Hoe ging dat in zijn werk?
Melih: 'Ik heb woordenboeken voorgelezen, ze hebben mij elke week woorden gegeven die ze geleerd hadden en vanuit die verzamelde woorden heb ik een taalbouwsel gemaakt van 5200 woorden waar wij uit bestaan.'

Theatermaker Melih  

Céline en Chedli, jullie hebben met Melih en de anderen een jaar lang de Nederlands taal bestudeerd, hoe was dat?
Céline: 'Het was voor mij een kans om meer Nederlands te spreken. En dat is heel erg belangrijk als je nieuw bent.'
Chedli: 'Ik vind het een heel uniek en leuk idee. We hebben met z'n allen Nederlands geleerd. We hoefden ons ook niet voor elkaar te schamen, je mocht fouten maken. We hebben door het project heel veel van elkaar geleerd.'

In welke taal spreken jullie samen, jullie komen uit allemaal andere gebieden? 
Chedli: 'Frans, Arabisch, Engels, Duits, Turks, het zijn er onwijs veel. De taal die we nu allemaal spreken is Nederlands.' 
Melih: 'Nederlands brengt ons samen. Het is niet onze moedertaal, maar samen komen we er wel doorheen.' 

Tegen welke problemen lopen nieuwe Nederlanders aan?
Melih
: 'Bij inburgeringscursussen leer je de taal heel abstract. Je leert de grammatica, de werkwoorden en de tijden. Nederlands heeft veel medeklinkers en soms lastige woorden. Céline heeft tot nu toe twee taalcursussen afgerond, maar ze heeft nog altijd moeite met het spreken van Nederlands omdat ze vaak geen contact durft te maken met Nederlandssprekenden. Wij hebben een jaar geleden een workshop-sessie gehouden waarin de deelnemers fouten mochten maken. Dat werkte heel goed. Straks gaan we hier met tachtig, negentig man op het podium staan en worden wij allemaal woordvoerders van de performance. Spelend en dansend stappen we in een nieuwe taalzone.'

Céline

En waarom hebben jullie besloten de krachten te bundelen?
Melih
: 'Dat zit bij mij diep van binnen. Ik ben de hele tijd bezig mensen te vragen of ze mij begrijpen en verstaan. Op een gegeven moment wist ik dat ik daar niet de enige in was. Ik wilde een zone creëren waarin ik dat met anderen kon onderzoeken. En vanuit daar een suggestie doen voor een nieuwe samenlevingsvorm.'

Céline, jij bent als transpersoon naar Nederland gevlucht vanuit Palestina. Wat betekent de Nederlandse taal voor jou? 
Céline: 'Ik beleef Nederlands veel vrouwelijker dan Arabisch. Als je hier in de verte een groep mannen ziet, heb je het over "zij". Dat is in de Arabische taal heel anders.'
Melih: 'Dat soort vondstjes komen uit ons project. Omdat Céline een transvrouw is, beleeft zij Nederland heel anders.'

'Ik wilde Nederlands zo snel mogelijk leren spreken' 

En wat betekent de Nederlandse taal voor jou, Chedli?
Chedli: 'Ik wilde de taal vooral zo snel mogelijk leren. Ik kwam hier vier jaar geleden vanuit Tunesië. In Nederland kreeg ik logopedie en bekeek ik teksten van Annie M.G. Schmidt. Ik wilde het zo snel mogelijk kunnen lezen.'

Chedli

Wat hoop je teweeg te brengen met deze voorstelling, Melih?
Melih: 'Ik hoop dat mensen die Nederlands spreken hun taal op een andere manier gaan beleven. Céline beleeft Nederlands bijvoorbeeld heel vrouwelijk. Het komt in de voorstelling door die woorden. Die vormen vervolgens een soort poëzie.'

Hoe gaat dat er op het podium uitzien?
Melih: 'Stel je een soort ruimte voor die er niet is. Een ruimte waarin je alles wat je kent los moet laten, waarin je op een andere manier naar je eigen taal gaat kijken.'

Wat zou je mensen nog willen meegeven?
Melih
: 'In alle voorstellingen die we maken bij kunstenaarsplatform Zina zoeken we onder artistieke leiding van Adelheid Roosen naar innovatieve en creatieve botsingen van levensscenario's. Dat gebeurt aan de hand van aanraking en ontmoeting met anderen. Om elkaar in alle facetten van het leven te leren kennen, van elkaars verschillen te leren en overeenkomsten te vieren. We moeten Nederlands samen leren en delen, in plaats van elkaar vluchtig passeren. Nieuwe woorden vormen een gelegenheid om een gesprek met elkaar aan te gaan.'  

Vijfduizendtweehonderdwoorden is vanaf 13 april te zien in verschillende Nederlandse steden. 

Tekst en foto's in tekst: Roel Janssen