Mounir Samuel

Schiphol lijkt het meest transfobe vliegveld dat er is

Column

Leestijd: 2 minuten - door Mounir Samuel op 10 mei 2017

Ik ben een man. En een reiziger. In de afgelopen maanden vloog ik nogal over een trits vliegvelden. Lissabon. Madrid. Moskou. Bangkok. Vier keer Cairo. Istanbul. London. Dakar. Ik heb er flink wat vlieguren opzitten.

Nu wordt vliegen met de dag minder leuk. Het was al nooit mijn grootste hobby om in een krappe ruimte met te veel mensen en weinig frisse lucht door het luchtruim te worden verplaatst, maar de veiligheidsmaatregelen hebben van vliegen een buitengewoon tergende, tijdrovende en stressvolle activiteit gemaakt.

Te kleine dure flesjes in een plastic zakje. Schoenen uit, al zijn het sneakers met rubberen zolen. Smijten met bakken. Chagrijnig veiligheidspersoneel dat instructies schreeuwt. Laptop uit de tas, uit de hoes, oplader ernaast en er weer in. Portemonnee met enig ongemak in een volgende bak, hopend dat niemand hem er snel uit grist. En maar herhalen dat je geen riem om hebt en ja, echt al je zakken hebt geleegd.

Maar wat als je een man met een binder bent? Wat als je in je broek geen piemel maar een packer hebt?

Ooit liep je door een detectiepoortje en ging het simpelweg om de aanwezigheid van staal. Tegenwoordig word je van 360 graden gescand en ziet het veiligheidspersoneel dus: alles.

God zij gedankt dat veel niet-Westerse landen nog niet dezelfde apparaten in gebruik hebben genomen, hoewel Cairo Airport ze al wel klaar heeft staan. Het maakt het voor feitelijk iedere transpersoon bloedlink om naar het grootste deel van de wereld te reizen.

Maar Nederland heeft ze wel en dat is te merken ook. Waar ze in London of Lissabon begripvol knikken en niets vragen, me in Dakar en Moskou zonder commentaar (grondig) fouilleren om me vervolgens met een knik te laten gaan, lijkt Schiphol zo’n beetje het meest transfobe vliegveld dat er is.

Ik ben er door personeel uitgelachen, door marechaussee aangehouden, gevraagd me uit te kleden (wat ik pertinent weiger – er is immers geen enkele aanwijzing dat ik een bom of ander explosief kleefmiddel bij me heb), op luide toon te midden van honderden medepassagiers ondervraagd, tegengehouden, toch maar weer door een vrouw gefouilleerd en ga zo maar door.

Enkele weken geleden was het weer raak. Ik was netjes door het poortje en had net met een zucht van opluchting de uitgebreide fouillering door een mannelijk veiligheid-personeelslid ondergaan en m’n tas met inhoud weer bij elkaar geraapt, toen ik terug werd geroepen.

"Ik hoef nergens te roepen dat ik trans ben, het gaat feitelijk namelijk niemand wat aan"

"Mag ik je paspoort nog eens zien?"
Let wel, dit was geen douane, maar gewoon Mevrouw Security zonder noemenswaardige bevoegdheid. Ik overhandig haar het document.
"Je bent een man?" vraagt ze, kijkend naar de M op mijn paspoort.
"Ja."
"Nee, dat ben je dus niet."
Ik trek m’n wenkbrauwen op.
"Wat wilt u dat ik zeg?" vraag ik. "Moet ik u nu gaan vertellen dat ik ooit in een vrouwelijk lichaam geboren ben?"
"Ja, schat, dat moet je ons vertellen ja."
Ik wil haar zeggen dat ik haar schat niet ben en ik haar zeker ook geen schat vind, maar ik houd mijn mond.
"Mag ik mijn paspoort terug alstublieft?"
Ze trekt haar hand verder terug. "Nee."
"Pardon? Mag ik alstublieft mijn paspoort."
De vrouw weigert hem terug te geven.
"Je had je door mij moeten laten fouilleren."
"Waarom?"
"Je hebt bandjes op de scan schat, dan hoor je niet door een man te worden gefouilleerd."
"Dat is niet waar en dat is een keuze die bij mij zou moeten liggen, niet bij u."
"Nou ik laat je gaan voor nu, maar je moet voortaan wel roepen dat je transgender bent."
Ook dat is onzin. Ik hoef niet alvorens door de security te gaan te roepen dat ik transgender ben, alsof het melaatsheid betreft. Ik hoef dat helemaal nergens te roepen. Het gaat feitelijk niemand wat aan.

Ondertussen heeft de vrouw echter zo luid gepraat dat alle security voor de komende twee jaar wel ingelicht is, evenals de honderden medereizigers die met grote ogen links en rechts langs me heen lopen.

Zoals ik zei houd ik weinig van vliegen, maar op deze manier word het toch iets aantrekkelijker om zo snel mogelijk op te stijgen. Al was het vooral om Schiphol ver, ver, achter me te laten.

Foto: Peter van der Wal

Advertentie
Advertentie
Delen op

Winq in je inbox

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang wekelijks een overzicht van de beste artikelen.

Magazine 94

Deze keer: Rob Jetten en de winnaars van de Winq Diversity Awards

Neem een abonnement

Geef cadeau