Politieagent Phil Adlem was aan het werk tijdens de Gay Pride, toen hij zijn vriend in het publiek zag staan. Hij bedacht zich geen moment en besloot om zijn hand te vragen. Die zei ‘JA!’ en de twee zoenden elkaar uitbundig. Het leverde prachtige beelden op.

De video werd duizenden keren gedeeld. Aanvankelijk was Adlem daar heel enthousiast over, maar in een betoog op de website van The Guardian zegt hij dat hij ook geschrokken is van de hoeveelheid bagger die de twee over zich heen kregen in de comments bij de video, en bij de artikelen die over het aanzoek verschenen.

Hij noemt een aantal reacties: ‘Ze hadden ze allebei moeten ophangen’, ‘Dit is absoluut walgelijk’ en ‘ISIS zou ze moeten opblazen’. Daarnaast werden ze talloze keren bedreigd. Ook op zijn werk reageerde een van collega’s ronduit vijandelijk, net als een voormalige studiegenoot.

Adlem schrijft: ‘Dit was genoeg voor mij om te wensen dat ik het nooit had gedaan. Ik kreeg veel interviewverzoeken, maar ben nergens op ingegaan. Achteraf gezien heb ik me laten leiden door de mening van anderen.’

Daarna vertelt Adlem dat dit niet de eerste keer is dat hij op homofobie is gestuit. Op zijn achttiende verjaardag werd hij bruut in elkaar geslagen in een steeg. ‘Drie mannen schopten en sloegen me en stopten pas toen de politie eraan kwam.’

Hij sluit zijn betoog af met de constatering dat er nog een lange weg te gaan is voordat de lhbt-gemeenschap volledig wordt geaccepteerd.

Zijn hele verhaal lees je bij The Guardian.