December vorig jaar ontstond in Maastricht flinke ophef toen Arjen van den Hof, eigenaar van de in Amsterdam gewortelde hotelcollectie Vondel Hotels, aankondigde eind dit jaar een ‘straight-friendly’ hotel te openen in Maastricht. Diverse media suggereerden onmiddellijk dat Vondel Hotels weleens een slim gat in het gemeentelijk beleid van de stad had gevonden. Niemand die immers gaat controleren of het hotel zich aan zijn doelstellingen houdt wanneer de vergunning eenmaal binnen is. De gemeente betuigde in reactie op het tumult expliciet haar steun aan de plannen van Van den Hof en de zijnen. Ze hadden de plannen wel degelijk goed geanalyseerd en het hotel zou een aantoonbare toegevoegde waarde hebben voor de Limburgse stad.

Een aantal maanden later volgde het nieuws dat Vondel Hotels in Amsterdam een soortgelijk concept wil openen, en wel in het oude COC-gebouw aan de Rozenstraat, waar eerder al gewerkt werd aan een LHBT-hotel, dat uiteindelijk niet van de grond kwam. Ook hier waren de reacties niet louter positief, Amsterdam kent immers dezelfde hotelstop – en uitzonderingsregel – als Maastricht. Naar verwachting opent Hotel Mercier zomer 2018 haar deuren. De opening van Hotel Monastère Maastricht is inmiddels iets uitgesteld, tot maart 2018.

Niet overtuigd
Gerrit-Jan Meulenbeld, voorzitter van COC Limburg, is niet helemaal overtuigd van de plannen en het nut voor een ‘straight-friendly’ hotel in zijn stad. ‘Vondel Hotels heeft tot nu toe geen contact met ons opgenomen, maar we hebben het nieuws van het hotel uiteraard wel meegekregen. Nodig heeft Maastricht het mijns inziens niet; je kunt hier als homo in ieder hotel prima terecht. Bij Amsterdam, Berlijn of Barcelona kan ik me wel een rol inbeelden voor zo’n hotel, maar ik denk niet dat Maastricht homo’s genoeg te bieden heeft. Er komen veel homo’s naar Maastricht, maar niet om een actieve gayscene op te zoeken. Meer omdat de stad bijvoorbeeld op cultureel vlak veel te bieden heeft. Daarbij heeft de lokale LHBTI-gemeenschap zijn plek al, onder andere bij ons café.’

‘De gemeente kan moeilijk met een tellertje aan de deur meten hoeveel homo’s er inchecken’

Van den Hof ziet dat anders. ‘Ik denk niet dat LHBTI’s alleen maar naar steden willen waar je goed kunt uitgaan. Ik denk dat velen ook lekker willen eten, winkelen en genieten van andere zaken die een stad te bieden heeft. Een LHBTI-hotel is zo ook op z’n plek in veel andere steden.’

De pandeigenaar van het oude klooster aan de Boschstraat vroeg Van den Hof om er een hotel in te realiseren waarmee een nieuwe doelgroep werd aangeboord. 'Ik had op dat moment net zelf met mijn vriend in Barcelona overnacht in een straight-friendly hotel van een bekende gay hotelketen', vertelt Van den Hof. 'Zo kwam ik op het idee voor een straight-friendly hotel. Toen ik het voor het eerst pitchte aan mijn eigen team, keek iedereen me aan met een blik van: wat bedoel je? Toen ik het iets verder toelichtte, stond iedereen er echter achter en heb ik het plan neergelegd bij de gemeente Maastricht. Zij vonden het zo uniek dat we de vergunning kregen.’

Niet in een hokje
Dat het nieuws niet door iedereen positief werd ontvangen, is ook Van den Hof niet ontgaan. ‘Ik snap het ergens wel. Als je het plan namelijk niet uitvoert zoals beloofd, dan neemt de gemeente je niet de hotelvergunning af. Dat is wettelijk niet mogelijk. Je krijgt een vergunning voor het pand, niet voor het richten op de LHBTI-doelgroep. Ze kunnen moeilijk iemand met een tellertje aan de deur zetten om te checken hoeveel homo’s er inchecken. Maar ik ben een ondernemer die doet wat hij belooft. We gaan die doelgroep actief benaderen. En volgens mij is het een supergoede doelgroep voor Maastricht. Er is daar nog geen soortgelijk concept dat zich op deze groep richt.’

Dan de term straight-friendly. Het hotel is er namelijk niet enkel voor LHBTI’s, iedereen is van harte welkom. Wel wordt er expliciet gericht op de roze burgers. ‘We moeten het überhaupt niet zo in een hokje stoppen, vind ik’, aldus Van den Hof. ‘Wel heb ik bewust voor deze panden gekozen. Die in de Rozenstraat spreekt natuurlijk vanzelf, maar als ik in een oud klooster loop, denk ik ook altijd: wat is hier vroeger allemaal voor spannends gebeurd? Een modern gebouw op de Veluwe zou ik een stuk minder passend vinden als LHBTI-hotel dan een mooi oud pand met grandeur in de binnenstad.’

COC Amsterdam: ‘We staan niet negatief, maar afwachtend tegenover de plannen'

Roze huiskamer
De keuze op Amsterdam was misschien iets logischer voor buitenstaanders, daar was immers al een plan voor een LHBT-hotel op dezelfde locatie. Het Denim Hotel kwam echter, hoewel de plannen in vergevorderd stadium waren, niet van de grond. ‘Wij hebben ook de intentie om er een LHBTI-hotel van te maken’, vertelt Van den Hof. ‘Zij hadden al zeer vergaande afspraken gemaakt met het COC, die evalueren wij nu opnieuw. Ik heb hier mijn eigen ideeën over. Ik meen dat COC Amsterdam bijvoorbeeld kantoorruimte zou krijgen binnen het gebouw. Ik vind kantoren niet meer van deze tijd, ik vind dat de hotelmanager ook gewoon met klanten aan de voorkant in de zaak moet kunnen zitten. Het zou dan ook onlogisch zijn als ik het COC een kantoorruimte zou geven binnen mijn hotel. Ik geef ze liever voor een bepaald bedrag per maand de ruimte om gebruik te maken van de faciliteiten van het hotel. Als jij voor het COC werkt, kun je hier een interview doen, relaties uitnodigen, lunchen, dineren et cetera, zonder daarvoor te betalen, tot een maximum bedrag per maand. Zo heeft COC een vaste huiskamer, waar ze niet voor hoeven te betalen. In Maastricht overweeg ik eenzelfde plan.’

Inmiddels is Vondel Hotels in gesprek gegaan met COC Amsterdam over de vernieuwde plannen. ‘Wij staan daar niet negatief, maar afwachtend tegenover’, vertelt Peter de Ruijter, voorzitter van COC Amsterdam. 'Het was ook een eis van de gemeente dat wij met elkaar in gesprek gingen, die zijn in feite nu dus al tevreden. Maar de afspraken zijn nog niet zo concreet als ze waren met de vorige projectontwikkelaar. We zullen nog verder met Vondel Hotels in gesprek moeten om te kijken hoe hun plannnen zich verhouden tot de afspraken die in het begin zijn gemaakt met COC Amsterdam. We staan nu aan het beginstadium daarvan.'

De buurt moest ook even overtuigd worden van de nieuwe projectontwikkelaar. ‘Ik hield een presentatie voor de Rozenbuurt, die heel graag dat LHBTI-concept wil behouden’, vertelt Van den Hof. ‘Ik vertelde hen dat ik echt wel daad bij woord zou voegen, maar het publiek leek nog niet helemaal overtuigd. “Misschien heb ik hier wel mijn eerste vriendje ontmoet of mijn eerste pilletje gedaan”, zei ik tegen ze, en ineens warmden ze een beetje op. Voor hen was ik toen überhaupt pas uit de kast gekomen. Ik loop niet voorop bij demonstraties, maar hier expliciet kenbaar maken dat ik zelf gay ben, hielp wel bij het scheppen van een vertrouwensband. Als ik een oer-hetero directeur was, die over de rug van homo’s geld probeerde te scoren, dan was dit concept er nooit gekomen. Dan was ik zo door de mand gevallen.’

‘In sommige hotels wordt ervan uitgegaan dat twee mannen geen stel kunnen vormen’

Van woord naar daad
Mooie woorden tot dusver, maar hoe maak je die term straight-friendly concreter in het beleid? Menig een zou immers verwachten dat nagenoeg ieder hotel in Nederland zowel gay- als straight-friendly is anno 2017. ‘Dat is een feit, maar ik denk niet dat er een hotel is dat specifiek deze doelgroepen kan aanschrijven’, pareert Van den Hof. ‘Daarbij, je hebt al heel lang gaycruises, bijvoorbeeld. Dit idee is helemaal niet nieuw, maar nu er een LHBTI-hotel komt, zegt iedereen ineens: slimme zet hoor, hoe ga je dat uitvoeren? Ik zal het wat concreter maken: we letten in deze hotels op alle vlakken op de beleving van de LHBTI-bezoeker. Als ik vroeger met mijn vriend een kingsize bed boekte in een hotel, kregen we vaak twee losse bedden. Er werd vanuit gegaan dat we geen stel zijn, omdat we twee mannen zijn. Dat soort onzin kom je bij ons niet tegen. Daarbij hebben we bijvoorbeeld geen dames- en herentoiletten meer, deze zijn voor iedereen. Mijn team heeft ook expliciet de opdracht gekregen om actief de LHBTI-doelgroep aan te spreken en te benaderen voor Hotel Mercier en Hotel Monastère, in zowel binnen- en buitenland.’

Toch staat op de site van Vondel Hotels en op de reeds opgerichte social kanalen van zowel Hotel Mercier en Hotel Monastère niets over het straight-friendly aspect. ‘Waarom niet hè? Dat is een goede vraag. We willen het namelijk wel expliciet uitdragen. Al willen we voorkomen dat mensen denken dat het een hotel met een darkroom wordt. Maar je hebt gelijk, dit geeft een vertekend beeld. Daar moeten we naar kijken.’ [Op de website van Vondel Hotels wordt bij Hotel Mercier en Hotel Monastère Maastricht inmiddels duidelijk vermeld dat het om LHBTI-hotels gaat – red.]

Poster child
Van den Hof vertelt graag een hotel neer te zetten waar hij als gast ook zou willen slapen. ‘Dat heb ik bij veel andere straight-friendly hotels niet. Ik ga in Monastère en Mercier geen feesten geven bij een zwembad. Andere straight-friendly hotelketens gaan nog een stapje verder dan wat ik van plan ben. Als ik mijn vrouwelijke assistente mee zou nemen naar een van die hotels, dan zou zij zich niet op haar gemak voelen. Ik vind dat je de doelgroep gemakkelijk meer en duidelijk aan kunt spreken, zonder 'm zo expliciet in een hokje te proppen. In veel van onze andere hotels is ook zo’n twintig à dertig procent van de gasten gay. In Hotel Vondel kan ik bijvoorbeeld precies zien wanneer er een gayfeestje in Paradiso is geweest als ik maandagochtend door het hotel loop.’

‘Is het expliciet nodig zo’n hotel? Nee’

Ineens kijkt Van den Hof naar rechts. We zitten in de lobby van 'zijn' Hotel De Hallen. ‘Zie je die jongen daar?’ Hij wijst naar een slanke eind-twintiger met donker haar. ‘We’re talking about you.’ Hij draait zich weer naar mij. ‘Hij komt oorspronkelijk uit een land waar LHBTI's niet veilig zijn en waar hij zich helemaal de schompes werkte onder nogal barre omstandigheden. Een vriendin van me vroeg of ik iets voor hem kon betekenen. Deze jongen was toen nog niet uit de kast, dat lag heel moeilijk. Uiteindelijk hebben wij een redelijke vertrouwensband opgebouwd. Ik heb een appartement voor hem gehuurd in Amsterdam, een training voor hem geregeld en zijn collegegeld aan de universiteit voorgeschoten. Nu werkt hij in een van onze hotels en woont hij voor een vriendentarief in een prachtig appartement in Oost. We hebben nu drie mensen aangenomen op deze manier. Ik zeg dit overigens niet om hen als een soort poster child weg te zetten. We doen effectief iets zinvols voor hen en willen dat met nog meer LHBTI-statushouders doen, zeker binnen de nieuwe hotels.’

‘Is het expliciet nodig, zo’n straight-friendly hotel?’, vraagt Van den Hof zichzelf retorisch. ‘Nee. Maar we doen het wel. Ten eerste zijn er nog steeds genoeg hotels waar LHBT’s zich niet helemaal op hun gemak voelen. Daarnaast maken we deel uit van een bredere ontwikkeling, waarin kritischer naar deze onderwerpen wordt gekeken. Daar kun je best twee hotels bij gebruiken die hier pro-actief mee bezig zijn.’

Dit artikel verscheen op 24 september 2017 online. 

Tekst: Martijn Kamphorst / Beeld: iStock