Wie herinnert zich nog de herfst van 2004? Nederland en België waren toen de enige landen waar paren van gelijk geslacht met elkaar mochten trouwen, 'Gay: de film' flopte in de bioscoop, en zeker niet te vergeten: homojongerentijdschrift Expreszo maakte een eenmalige editie, die gratis werd verspreid op middelbare scholen. Uit onderzoek in die periode bleek dat 40 procent van de homojongeren gediscrimineerd werd en dus trok het ministerie van OC&W de portemonnee voor een campagne. Maar liefst 420.000 stuks werden afgeleverd op scholen en klassikaal uitgedeeld. Maar niet op mijn school.

De conciërge was al begonnen met rondbrengen, tot een docent aan de noodrem had getrokken en aan collega’s was gaan vragen of ze wel kritisch naar de inhoud hadden gekeken. Waren het de foto’s van zoenende jongeren (m+v, m+m en v+v) die niet door de beugel konden? Het openhartige interview met Lieke van Lexmond misschien? Nee, het zou zijn gegaan om een schunnige grap over een masturberende Jan Peter Balkenende. Emancipatie en bescherming van leerlingen? Hartstikke leuk, maar van de minister-president moest je afblijven.

‘Mijn docent Duits vond het doodnormaal om homofobe grappen te maken’

Enorm teleurgesteld dat mijn school dit initiatief had geblokkeerd, ging ik me afvragen welke docent het was geweest die er als eerste een stokje voor stak. De impact was groot. Zelf zat ik nog in de kast, dus op hoge poten naar de directie stappen was voor mij geen optie. Tijdens Geschiedenis hoorde ik een vurig betoog van de docent, die het onderwerp gelukkig aansneed in de klas, maar vooral vond dat ‘die idiote redactie van Expreszo’ een enorme blunder had gemaakt. Toen van achterin de klas iemand luid ‘homo’s!!’ riep, was het gesprek snel weer voorbij en gaf hij het onderwerp op.

Mijn docent Duits dan? Hij vond het doodnormaal om homofobe grappen te maken om (mannelijke) leerlingen mee te corrigeren. Als twee jongens te lang bleven praten met elkaar zei hij eens klassikaal: ‘Stop morgen een broodplank achterin je broek, dan weet je zeker dat je veilig bent voor hem.’ Of als een discussie te lang duurde, zei hij: ‘Ga anders buiten even met je handtasjes tegen elkaar slaan.’

Paul - © Mgr. MadhatterOf was het mijn biologieleraar geweest, die homoseksualiteit slechts eenmaal had besproken bij de biologieles. Niet door informatie te delen, maar door aan zijn klas te vragen of een kind wel geadopteerd mag worden door twee mannen of twee vrouwen. Het laatste woord in die discussie kwam van klasgenoot Linda: ‘Nou, stel je voor dat je door twee van die idioten wordt opgevoed...’, waarna er een instemmend gemompel klonk en we verder gingen met een ander lesonderwerp.

Het zijn idioot specifieke herinneringen die allerminst een bewijs vormen. Het maakt nu ook niet veel meer uit. Het gaat om de impact. Als docenten al zo reageren, kijk je wel uit met je coming-out. En wie een groot geheim met zich meedraagt, kan zich niet verdedigen tegen zulke vernederingen. Als scholier zul je je dan zo onopvallend mogelijk moeten gedragen en je uiterste best moeten doen om je hoofd rechtop te houden. Die moeite en dat gevoel van eenzaamheid creëren onuitwisbare herinneringen.

‘Het voelde als een zoethoudertje. Ik had nu een exemplaar, dus probleem opgelost, toch?’

Aan mijn mentor durfde ik op een gegeven moment te vragen waarom het nummer van Expreszo niet werd uitgedeeld. Ik zei dat ik die schuine grap, die intussen landelijk nieuws was geworden, wel mee vond vallen en het belangrijk vond dat iedereen een exemplaar kreeg. Zij vond dat niet. Ik zag er volgens haar misschien wel de humor van in, maar voor veel anderen zou dat niet gelden. Wie de verspreiding had gedwarsboomd en of ik de betreffende docent kende, daar liet ze niets over los. Ze zei me alleen dat de directie ermee had ingestemd. Blijkbaar had ze zelf een paar exemplaren achterover weten te drukken, want ze gaf mij er eentje. Het voelde als een zoethoudertje. Ik had nu immers een Expreszo gekregen, dus probleem opgelost, toch?

Zoals valt te verwachten is er in de jaren dat ik daar op school zat nooit een gastles verzorgd over seksuele diversiteit en van de vaste docenten was de informatie summier. Het COC is nooit uitgenodigd en pas na mijn schooltijd kwam ik uit de kast. Maar wat had ik graag zo’n gastdocent binnen zien komen daar.

Nu kan ik dat zijn. Dertien jaar later zal mijn oude school vast wel iets veranderd zijn. Maar ik ook. Met een berg meer zelfvertrouwen kan ik die zwijgzaamheid nu wel doorbreken. Kan ik leerlingen laten zien dat je heel gelukkig kunt zijn als je uit de kast komt en kan ik vertellen over hoe belangrijk het is om elkaar de ruimte te geven te zien wie je bent. Ik kan het verleden niet veranderen, maar ik weet heel goed hoe belangrijk het is dat een school actief beleid voert om leerlingen te steunen. Het gevoel van toen neem ik iedere les weer mee en kan ik gebruiken om herhaling te voorkomen en een positieve verandering te zijn. Daarom zijn we er. Iedere les weer.

Deze column werd tevens voorgedragen tijdens de Landelijke Voorlichtersdag van COC Nederland.

Paul (25) is actief als voorlichter voor COC Haaglanden, woont in Delft en werkt in Amsterdam. Hij luistert graag Joni Mitchell en Janis Joplin, studeerde Kunstgeschiedenis, draagt graag opvallende schoenen en zingt soms stiekem 'Una Paloma Blanca'.

Meer lezen of zelf interesse om voorlichter te worden? Neem eens een kijkje op de Facebookpagina van Voorlichting COC Haaglanden.

Foto: Mgr. Madhatter