Mijn broer vroeg mij weleens of ik schuldige gedachten had ik als ik uitging en of ik aan onze ouders dacht als ik op plekken was die door de kerk werden omschreven als ‘de poorten van de hel’. Het antwoord had niet veel nadenken nodig en de ontkenning volgde snel. Mijn broer heeft daar soms wél last van. Voor alle duidelijkheid; mijn broer en ik zijn beiden opgegroeid in een streng gereformeerd gezin en na mijn coming-out heeft hij mij altijd gesteund. Daardoor is hij het contact met onze ouders maar ook met de kerk verloren. Ik ben na mijn coming-out ook niet meer naar de kerk gegaan. Bij mij bleef het schuldgevoel echter uit.

Eigenlijk is dat vreemd. Jarenlang hoorde ik een aantal keer per week hoe verderfelijk homoseksualiteit is, hoe zondig de wereld, en hoe de duivel op plekken als festivals en bars probeert je naar de hel te trekken. Van de preekstoel werden we gewezen op de smalle en de brede weg, waar mijn zus zelfs een poster van in haar kamer had hangen. Op deze plaat zag je een groot versierde poort met daarachter een drukke boulevard vol bars, festivals en vrolijke mensen. Naast deze poort zag je ook een klein deurtje, gevolgd door een smal stil kronkelpaadje, waarop een handjevol ingetogen, in het zwart geklede mensen liep. Aan het einde van die brede weg zag je een groot vuur met explosies en mensen die pijn en verdriet hadden. Het einde van de smalle weg had toch wel een meer aantrekkelijke uiteinde, namelijk een heel mooi verlichte stad van goud met allemaal blije mensen. Je raad het al, dit waren de hel en de hemel.

‘Zo lang mijn ouders leven, zal ik een wees zijn’

Nooit heb ik schuldgevoelens gehad dat ik nu een zondig leven leid. Ik denk ook niet terug aan de waarschuwingen van mijn ouders of de dominee als ik mij op de zogenaamde brede weg bevind – in welke hoedanigheid dan ook. Helaas denken veel homoseksuele jongeren wel zo en dragen zij die vervelende gevoelens, die nergens voor nodig zijn, wel met zich mee. Daardoor hebben zij een negatief zelfbeeld, kampen velen met een depressie en sommigen zelfs met zelfmoordgedachten. Veel van de jongeren die nu in de streng gereformeerde kerken zitten, durven niet uit de kast te komen, door de wijzende vinger van de kerk. Ze blijven hangen in ontkenning en verdriet of krijgen na hun coming-out te maken met boosheid, moeizaam contact met hun ouders of verdriet, omdat ze worden verstoten uit kerk en gezin. Oorzaak? De dogmatische angel van de streng gereformeerde kerken, die neigt naar indoctrinatie. Persoonlijk heb ik veel last gehad van de manier waarop mijn ouders jarenlang met mij om zijn gegaan (het onderhandelen), maar heb ik uiteindelijk de rust, de aanvaarding, gevonden.

Er is echter nog een fase toe te voegen aan de vijf fasen van rouw van Kübler-Ross: na ontkenning, boosheid, onderhandelen, depressie en aanvaarding, volgt wat mij betreft bevrijding. Het totaal loskomen van. Dat is een heel lastige fase, die ik voor mijn gevoel nooit helemaal zal afronden. Ik kan nooit volledig loskomen van mijn ouders. Ze blijven altijd mijn ouders en daar zal ik altijd aan herinner worden. Zolang mijn ouders leven, zal ik een wees zijn.

Je kunt echter wel loskomen van die vervelende of schuldige gedachten, door in jezelf te geloven, van jezelf te houden en een omgeving op te zoeken waar je jezelf mag en kunt zijn. Dat is geen brede of smalle weg, maar wellicht wel een lange. Dat verdient iedereen. Ook jij.

Foto: Peter van der Wal