Het was altijd al mijn droom geweest om er te wonen en ergens wist ik misschien ook wel dat ik er uiteindelijk terecht zou komen. Gemakkelijk was het in het begin alles behalve. Waar ik vandaan kom, stoppen mensen namelijk nog voor een rood licht. Of zelfs voor een zebrapad, kun je nagaan.

Maar het duurde niet lang voor ik die prachtige oude binnenstad in mijn hart had gesloten. Mijn grachtengordeldroom ontwikkelde zich snel. Mijn nieuwe levensdoel werd een paleisje aan de Prinsengracht. En dan het liefst het heerlijke Jordanese stuk. Ik bedacht er zelfs een spreuk voor: ‘Het leven is net als de Prinsengracht: vol kuilen, hobbels en obstakels, maar als je goed om je heen kijkt, is het prachtig.’

Toen ik na een tijdje besloot op zoek te gaan naar een nieuwe uitdaging op werkgebied, was er dan ook maar één harde eis; die moest en zou in Amsterdam zijn. Want: ‘terugkomen is niet hetzelfde als blijven’, zoals de tekst onder het fietsbruggetje naar het Centraal Station zo mooi luidt.

‘De “homodichtheid” is nergens groter dan in een metropool’

New York heeft het, Londen heeft het, Parijs heeft het. Wat is het toch dat homo’s zo aantrekt in een metropool? Was het dan toch Will & Grace? Of misschien Sex and the City? Zo’n beetje alle homo-iconische series en films lijken zich in grote steden af te spelen. Nergens is de ‘homodichtheid’ groter dan in een metropool. Je hoeft Grindr maar te openen of de dichtstbijzijnde is praktisch binnen handbereik. In sommige delen van het land zul je daar eerst een flink aantal kilometers voor moeten afleggen met de auto. Gayclubs en -kroegen zoeken elkaar in de grote stad binnen een aantal vierkante meters op. In New York en Londen heb je zelfs hele wijken vol.

De gaycultuur heeft in de evolutie zijn weg gevonden naar de grote steden. Waren het de steden die de homo’s aantrokken of hebben de steden zich gevormd naar de homo’s die er leefden? Laten we het op een wisselwerking houden. Tijdens mijn studie Cultuurwetenschappen onderzocht ik ditzelfde fenomeen al eerder met kunstenaars en grote steden. Zou bij homo’s hetzelfde gelden? Een soort niet te omschrijven magie tussen de homo en de stad. Dat laatste klinkt overigens bijna als een nieuwe sitcom.

Ik besprak laatst met een goede vriend de verschillen tussen zijn land van herkomst en dat van mij. Een aantal jaar geleden vluchtte hij voor de oorlog en vanwege zijn geaardheid naar Nederland. Daar werd hij geplaatst aan de rand van Amsterdam. Buiten de ring, welteverstaan. ‘En, hoe was de herplaatsing binnen Nederland, als je erop terugkijkt?’, vroeg ik hem. ‘Goed! Absoluut heel erg goed’, antwoordde hij tevreden. ‘Alhoewel, als het even had gekund, dan had ik toch liever aan de Prinsengracht gewoond’. Dromen we niet allemaal een beetje van de grachtengordel?

Foto: Peter van der Wal