De kerk en ik

“Diversiteit is een woord dat ik in veel te weinig kerken hoor”

Ennio en Jeffrey over hun geloof

Leestijd: 5 minuten - door Roel Janssen op 31 maart 2018

Zowel Ennio als Jeffrey komt uit een christelijk gezin. Ze groeiden op in de gospelbeweging van het Evangelisch christendom en hebben allebei een bijzonder verhaal. “We zijn gebroken mensen op zoek naar een stukje heling.”

Ik ontmoet het koppel in hun appartement in Diemen. “Ik ben christelijk opgevoed”, start Jeffrey zijn verhaal. Zijn ouders zaten bij de Hervormde Gemeenten, maar op achtjarige leeftijd veranderen ze van kerk. Ze gingen toen naar de Volle Evangelische Gemeenten. “Een heel charismatische bedoeling. Het doet gospel-achtig aan. Er wordt gedanst, geklapt, er is een band en het komt over alsof vrijheid en blijheid overheerst.”

“Er ontstond flink wat ophef toen die stroming naar het dorp kwam waar ik woonde. Er waren tot dan toe alleen hervormden en gereformeerde kerken. Op een gegeven moment begon ik te worstelen met mijn homoseksualiteit. De kerk had daar in principe een duidelijk standpunt in: het hoorde niet. Homoseksualiteit was een ziekte.” En dat was de gedachte in Jeffreys hoofd: als het een ziekte is, kan het genezen worden. Hij hoorde verhalen over mannen die in therapie gingen en ‘genezen’ werden verklaard. “Ik geloofde echt dat het de oplossing was. Ik wilde niets liever dan van mijn homoseksualiteit af. Er zat een boze geest in mij.”

“Ik was jaren bang dat er een boze geest in me zat”

Zijn ouders dachten er hetzelfde over, maar hoopten wel dat hij gelukkig zou worden. “Thuis was de enige plek waar ik me fijn voelde. Op school en in het dorp stond ik bekend als de enige homo die er was.” Aan de tijd dat hij bij de kerk kwam, heeft hij ook positieve herinneringen. “We aten samen, het was een heel hechte gemeenschap. Ik heb ook veel contact gehad met een stel uit de kerk waarmee ik veel kon praten over mijn seksuele geaardheid. Mijn ouders vonden het ook fijn dat ik iemand had om mee te praten, maar de conclusie was toch dat mijn geaardheid fout was en ik ervan af moest.”

Jeffrey ging in therapie. “Er zijn nog steeds veel christenen die geloven dat homoseksualiteit een geestelijke ziekte is. Daar kun je dan van afkomen door middel van homotherapie. Ze gaan proberen de boze geesten uit je te drijven. Dat is heel heftig, maar je gelooft echt dat er een boze geest in je zit. Ik heb heel lang met het gevoel rondgelopen dat er iets in mij leefde wat verkeerd was.”

De therapie hielp natuurlijk niet. “Je vraagt je dan af wat je eigenlijk op deze wereld doet en te bieden hebt. Op een gegeven moment was ik op: ik belandde op een heel diep punt waarin ik er een einde aan wilde maken.” Gelukkig was er uiteindelijk wel iemand waarmee hij over zijn echte gevoelens kon praten. “Ik zat in een kring vol christenen. Op school, mijn stage, mijn ouders, iedereen dacht er hetzelfde over. Tot het moment dat ik een vriendin opzocht in Friesland. Zij studeerde in Leeuwarden en had homoseksuele huisgenoten waar ze weleens over sprak. Door haar ben ik er anders over gaan denken. Er viel een enorme last van mijn schouders. Het voelde alsof ik uit een gevangenis ontsnapte.”

“Toen ik mijn geaardheid accepteerde, werden mijn ouders ter verantwoording geroepen binnen de Gemeenten”

Hij stopte met de therapie en wat er toen gebeurde verbaasde hem: “De impact was groter dan dat ik had gedacht. Eigenlijk vond mijn intieme kring het wel prima, maar mijn ouders werden ter verantwoording geroepen binnen de Gemeenten. Ze zitten ondertussen bij een nieuwe kerk, maar zijn tot op de dag van vandaag onderwerp van discussie. Ik heb niets met al die mensen te maken, maar ze volgen mij op Facebook en vinden het bijvoorbeeld niet kunnen dat ik samenwoon met Ennio. Ik denk dan: waar bemoei je je mee? Ik zit niet eens in jouw kerk!”

Ze komen nog weleens in de nieuwe kerk van zijn ouders. “Dan geven ze ons knuffels”, zegt Ennio. “Dat snap ik niet: durf dan ook echt te zijn en het gesprek met ons aan te gaan, maar dat durft niemand.”

Met de nek aangekeken
Ook Ennio heeft een bijzonder verhaal. “Ik was het perfecte voorbeeld van hoe een christen zou moeten leven”, vertelt hij. Hij had tien jaar lang een relatie met een vrouw. Vlak voor het huwelijk kwam hij uit de kast. “We hadden een mooie relatie, maar het was meer zoals die van een broer en een zus. Ik heb in die tijd veel vragen met God besproken op mijn zolderkamertje. Het was de enige plek waar ik veilig was. Ik heb toen heel veel aan mijn geloof gehad.”

De reacties die hij kreeg vanuit de christelijke kerk verbaasden hem: “Toen ik uit de kast was gekomen besloot ik het ook binnen de kerk te vertellen.” Hij was dansdocent en danste in verschillende (gospel)kerken. “Opeens mocht ik het podium niet meer op om te dansen. Het is heel bizar: toen ik loog, mocht ik alles. Toen ik de waarheid sprak, gingen alle deuren dicht. Van de een op de andere dag werd ik met de nek aangekeken. Dat klopt gewoon niet.”

“Het bizarre is ook dat ik op dit moment in veel christelijke organisaties wel dingen mag doen achter de schermen, maar op het podium ben ik vervolgens niet welkom.”

Zijn ouders stonden gelukkig wel achter hem. “Mijn moeder heeft het altijd al geweten, op haar sterfbed, negen jaar geleden, zei ze tegen mijn zus: ‘Pas op Ennio, het is een bijzondere jongen.’ Toen ik uit de kast kwam, zei mijn vader ook dat hij het al tijden wist, maar dat hij me de tijd en ruimte wilde geven er op mijn eigen manier mee om te gaan. Daar ben ik ze nog steeds dankbaar voor. Daarvoor vroegen mensen mij weleens of ik homo ben. Ik zei altijd dat ik dat allang bij God had gebracht en daar vanaf was.”

Ennio en Jeffrey ontmoetten elkaar tijdens een boekpresentatie van Justin Lee. Hij schreef het boek Verscheurd, een boek over het geloof en homoseksualiteit. “Ik had op Facebook aangegeven dat ik er zou zijn en vervolgens werd ik als vriend toegevoegd door Ennio. We raakten aan de praat en hebben elkaar tijdens het event ontmoet.”

“Dat was nog best wel spannend”, vervolgt Ennio. “Ik ging met een vriendin en toen zag ik hem al snel zitten. Ik heb niets meer meegekregen van wat Justin Lee te zeggen had, had alleen maar oog voor Jeffrey. In de pauze gingen we met elkaar praten en het voelde direct heel erg goed. ’s Avonds had hij nog een kaartje voor mij geschreven en een week later hadden we onze eerste date.”

Inmiddels is het koppel al 2,5 jaar samen. “Het is vooral mooi dat we allebei heel erg anders zijn. Ik zou niet willen dat Jeffrey wordt zoals ik, we versterken elkaar juist.”

De kerk als een thuis
Zowel Ennio als Jeffrey haalt nog altijd veel uit het geloof. “We hebben het er vaak over wat een kerk nou eigenlijk is”, vertelt Jeffrey. “Ik vind dat het open moet zijn voor iedereen. Het moet dienen als een soort thuis. Als ik bij mijn ouders kom, staan mijn lievelingsrecepten op tafel. Het voelt welkom, gezellig en als een familie. Ik zou het mooi vinden als dat in de kerk ook zo zou zijn.”

“In de loop der jaren zijn er zoveel wetten en regels door mensen bedacht. Het gastvrije van de kerk is een beetje weg. Je mag deelnemen, tot ze erachter komen dat je homoseksueel bent. Ik ben nu een tijdje uit de kerk en ga ook met mensen om die niet gelovig zijn. Ik vind veel christenen toch wel heel erg veroordelend.”

“Diversiteit is een woord dat ik in weinig kerken heb gehoord”, besluit Jeffrey. “Een heterokoppel met gezin doet het nog steeds goed. Dat is misschien heel zwart-wit, maar als je van de norm afwijkt, heb je het moeilijk. Er staat ook een enorme druk op mensen die op hun dertigste nog single zijn of geen kinderen hebben. Het wijkt af van het ideaalbeeld van de kerk.”

In ‘Mijn geloof en ik’ vertellen mensen hoe zij hun geloof combineren met hun seksualiteit en genderidentiteit. Wil jij praten over je geloof en homoseksualiteit? Stuur ons dan een mailtje.

Advertentie
Advertentie

Winq in je inbox

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang wekelijks een overzicht van de beste artikelen.

Magazine #91

Deze keer: acteur Majd Mardo, Michiel van Erp en een Berlin special

Neem een abonnement

Geef cadeau