Vandaag is Coty Bruggeman aan de beurt. Hij woont in Rotterdam en verzamelt fantasyboeken en bouquetromans. 

“Op de middelbare school las een docent The Hobbit van Tolkien voor. Ik heb daarna alle fantasyboeken uit de schoolbibliotheek verzameld en stuk voor stuk uitgelezen. Door de jaren heen heb ik een aardige verzameling opgebouwd. Fantasyboeken zijn mooi, dromerig en een beetje melancholisch. Dat spreekt me wel aan.

Ik vind dat mensen vaak wat pretentieus over boeken doen, en er een te sterke mening over hebben. Daarom heb ik alle normale boeken verhuisd naar een bijkamer, en staan mijn fantasyboeken juist prominent in mijn woonkamer uitgestald. Misschien kijken mensen erop neer, maar dat zal me echt een worst wezen. Je moet lekker lezen wat je wil. Ik heb in mijn leven ook zeker vijfhonderd bouqetromans gelezen. Mijn moeder had die vaak liggen. In mijn studententijd kon je op de markt oude bouquetreeksen inleveren en dan voor een of twee euro zes nieuwe boekjes krijgen. Wat me opvalt is dat de vrouwen in de bouquetreeksen uit de jaren zeventig heel zelfstandig en vrijgevochten waren. In de jaren tachtig zwakte dat af, waren ze secretaresse en afhankelijk van hun man. Pas vanaf het jaar 2000 kwam dat vrijgevochten weer een beetje terug. Het is allemaal geen hoogdravende literatuur, maar ik smul er wel van.

Bij elk boek dat ik lees, begin ik met het einde. Dat weet ik tenminste waar het naartoe gaat, en kan ik ontspannen de rest van het boek lezen.

Tijdens een verhuizing heeft mijn vriend me aangespoord om wat boeken te doneren aan de Leeszaal [burgerinitiatief waar bewoners van Rotterdam-West gratis boeken kunnen lenen - red.]. Uiteindelijk werden dat zo’n vijftien dozen aan boeken. Inmiddels heeft hij een e-reader in huis gehaald, volgens mij als subtiele hint dat het nog wel wat minder kan met mijn boekenverzameling. Ik was altijd tegen, maar het leest eigenlijk wel lekker.”