Eerder dit jaar zakte Nederland in de Rainbow Europe Index van ILGA Europe nog naar de twaalfde plek. Onlangs trad echter een nieuwe wet in werking, waarmee discriminatie op grond van geslachtskenmerken, genderidentiteit en genderexpressie expliciet wettelijk verboden is geworden. Dit verbod geldt onder meer op het werk, op school en bij dienstverlening. 

Dankzij deze wet van Vera Bergkamp (D66), Kirsten van den Hul (PvdA) en Nevin Özütok (GroenLinks) is Nederland in de ranglijst gestegen van de twaalfde naar de tiende plaats. Bovenaan de lijst van 49 landen staan Malta, België en Luxemburg, onderaan staat Azerbeidzjan. Belangrijke kanttekening: de index brengt enkel de staat van LHBTI-mensenrechten in kaart, niet de maatschappelijke acceptatie van LHBTI personen.

"Het is super dat we weer vóóruit gaan in plaats van achteruit", aldus COC-voorzitter Astrid Oosenbrug. "Op die weg wil ik verder: naar méér mensenrechten en méér acceptatie in een land waar iedereen zichzelf kan zijn, ongeacht seksuele oriëntatie, genderidentiteit en geslachtskenmerken."

Om voortgang te boeken met LHBTI-mensenrechten in Nederland pleiten COC, Transgender Netwerk Nederland en NNID, de Nederlandse organisatie voor seksediversiteit, onder meer voor hogere wettelijke strafmaxima bij discriminerend geweld, de mogelijkheid voor transpersonen om hun geslachtsregistratie onder de 16 jaar te wijzigen, een verbod op niet-medisch noodzakelijke behandelingen zonder toestemming van intersekse kinderen en een verbod op LHBTI-discriminatie in de Grondwet.